Veel mensen die het oorlogsgeweld in Jemen overleven maar gewond of ziek zijn, lopen door een groot gebrek aan medische hulp, medicijnen, voedsel of drinkwater gevaar alsnog te overlijden. Dat zegt het Rode Kruis. 

Volgens de hulporganisatie sterven in Jemen iedere dag minstens twintig mensen die onder andere omstandigheden met een simpele behandeling gered hadden kunnen worden.

Sinds 2015 zijn in de burgeroorlog in Jemen meer dan 160 ziekenhuizen en klinieken verwoest. Nog maar 45 procent van de ziekenhuizen is operationeel. Ze kampen met tekorten aan schoon water, brandstof, operatiemateriaal en medicijnen. Van de benodigde medicatie is maar 30 procent voorradig en medicijnen zijn voor veel mensen onbetaalbaar geworden. 70 procent van de mensen is afhankelijk van humanitaire hulp.

In de regio Taiz, die dagelijks onder vuur ligt, kunnen door gebrek aan schoon water en goede sanitaire voorzieningen ziektes als acute diarree en knokkelkoorts zich snel verspreiden.

Door de gevechten wordt de situatie voor de inwoners met de dag erbarmelijker. Het Rode Kruis roept de strijdende partijen op hulporganisaties toegang te geven, het humanitair oorlogsrecht te respecteren en burgers en door burgers gebruikte infrastructuur te ontzien. Ook moeten burgers en gevangenen de medische hulp kunnen krijgen die zij nodig hebben.