Onderzoek door de Colombiaanse autoriteiten heeft vastgesteld dat het vliegtuig dat op 28 november neerstortte met een deel van de Braziliaanse voetbalploeg Chapecoense aan boord, inderdaad kampte met een tekort aan brandstof. Ook was het toestel 350 kilo te zwaar beladen.

Uit de voorlopige resultaten blijkt dat het toestel al bij het opstijgen in Bolivia te weinig brandstof aan boord had, maar dat de piloten pas alarm sloegen kort voordat het toestel neerstortte.

Enkele dagen na de vliegramp bleek uit opgenomen gesprekken met de luchtverkeersleiding al dat de piloten melding maakte van te weinig brandstof.

Het vliegtuig was in Bolivia opgestegen met een gewicht van 42.148 kilogram, maar het toegestane maximum was 41.800 kilo.

Uit het onderzoek blijkt dat de piloten alarm sloegen toen de daling al was ingezet. Zo'n vier minuten nadat zij alarm hadden geslagen en toestemming vroegen om te mogen landen, vielen de vier motoren van het vliegtuig uit. Enkele minuten daarna verdween het toestel van de radar.

Menselijke fout

Vorige week werd al duidelijk uit onderzoek van de Boliviaanse autoriteiten dat een menselijke fout de oorzaak is van de vliegramp. Ook Colombia wijst nu in de richting van de piloten en luchtvaartmaatschappij Lamia. Begin deze maand werden de topman van Lamia en de luchtverkeersleider aangeklaagd.

Bij de ramp met het vliegtuig kwamen op 28 november 72 mensen om het leven. Zes mensen overleefden de crash. Het vliegtuig was vanuit Bolivia opgestegen en was onderweg naar Medellin in Colombia.