Het aantal Noord-Koreanen dat gevlucht is naar Zuid-Korea bereikt naar verwachting deze maand de 30.000. Het aantal mensen dat dit jaar overliep is met 21 procent gegroeid ten opzichte van 2015.

De regering in Seoul neemt daarom maatregelen om de nieuwkomers te helpen met integreren, meldt het Zuid-Koreaanse staatspersbureau Yonhap.

Het Zuid-Koreaanse ministerie van Hereniging maakte zondag bekend dat eind oktober 29.948 voormalige Noord-Koreanen in het zuiden woonden. Een functionaris zei te verwachten dat de grens van 30.000 halverwege november wordt bereikt. Dit jaar wisten al 1.154 Noord-Koreanen te ontsnappen aan het regime.

In 2011 staken 2.706 Noord-Koreanen de grens met het zuiden over. Het aantal daalde het jaar daarna naar 1.502, bleef vrijwel gelijk in 2013 (1.514) en daalde opnieuw naar 1.397 en 1.276 in de twee opeenvolgende jaren.

Seoul is van plan de gelegenheid aan te grijpen om een nieuw integratieproject te lanceren. De vluchtelingen krijgen dan bijvoorbeeld meer hulp bij het vinden van werk.

Executies

Volgens Yonhap ontvluchten steeds meer Noord-Koreanen hun land omdat dictator Kim Jong-un steeds extremere methoden, zoals publieke executies, gebruikt om zijn volk in het gareel te houden.

Voor 2001 was honger voor tweederde van de gevluchte Noord-Koreanen de hoofdreden om over te lopen. Tussen 2002 en 2005 nam dit motief om te vluchten al af (58 procent). Van 2014 tot nu is honger in nog maar 12 procent van de gevallen de belangrijkste reden om op de vlucht te slaan.

De vluchtelingen noemen nu vooral het gebrek aan vrijheid en politieke ontevredenheid (88 procent) als reden voor de oversteek. Tussen 2002 en 2005 (42 procent) en voor 2001 (33 procent) was dit voor de Noord-Koreanen een minder belangrijke reden om te vluchten.