De conservatieve Volkspartij (PP) heeft de meeste zetels gewonnen in de Spaanse parlementsverkiezingen. Premier Mariano Rajoy heeft de deur opengezet naar coalitieonderhandeingen.

De PP kreeg na het tellen van alle stemmen 137 zetels in handen, daarmee heeft de partij geen absolute meerderheid van minimaal 176 zetels behaald. Bij de verkiezingen in december kreeg de partij 123 zetels toegewezen.

Bij de eerste exitpoll leek de linkse partij Podemos als tweede te eindigen, maar de partij heeft bij de huidige telstand 71 zetels in handen, hetzelfde aantal als bij de vorige verkiezingen. Het socialistische PSOE krijgt vooralsnog 86 zetels. Daarmee hebben de twee linkse partijen samen ook geen meerderheid in handen.

Liberal Ciudadanos heeft na het tellen van bijna alle stemmen 32 zetels. In december eindigde deze partij ook op de vierde plek qua aantal zetels.

De opkomst bedroeg 51,2 procent. Bij de vorige verkiezingen lag dat percentage nog op 58,2 procent.

Bijzonder

​De verkiezingen zijn bijzonder, omdat het de tweede keer is in een half jaar tijd dat de Spanjaarden naar de stembus moesten. Koning Felipe van Spanje was genoodzaakt nieuwe verkiezingen uit te schrijven, doordat de partijen in het parlement er na de verkiezingen van 20 december niet uitkwamen.

Nooit eerder hoefden de Spanjaarden opnieuw naar de stembus. Bij de verkiezingen van 20 december kwamen er twee nieuwe partijen in het parlement: de protestpartij Podemos en het pro-Europese Ciudadanos.

De PP bleef de grootste, maar de partij kon niet langer alleen regeren, omdat het geen meerderheid meer had.

Video: Meeste zetels voor de PP bij Spaanse verkiezingen