In het oosten van de Democratische Republiek Congo zijn nog altijd honderdduizenden mensen - het merendeel kinderen en jongeren - op de vlucht voor het geweld.

Dat blijkt uit cijfers van de Verenigde Naties (VN) en de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM). NU.nl reisde eind november in het kader van 3FM Serious Request met het Rode Kruis naar het oosten van Congo en sprak daar onder meer met ontheemde kinderen en met voormalig kindsoldaten.

Alleen al in de vluchtelingenkampen van Noord-Kivu, een van de provincies in Oost-Congo waar geweld aan de orde van de dag is, zaten eind november 189.921 mensen, van wie 62,5 procent jonger dan achttien jaar. Volgens de VN verblijft slechts 23,5 procent van de ontheemden in kampen. 

Tussen juni en september van dit jaar ontvluchtten ongeveer 260.000 mensen in Oost-Congo hun dorp vanwege het geweld.

Congo

Henri (18) met zijn moeder in Walungu. © Alyona Synenko, ICRC
Twee ex-kindsoldaten worden in het 'transit center' in Bukavu voorbereid op een terugkeer in de maatschappij. © Merlijn Stoffels, Rode Kruis
'Papi' (28) werd op 13-jarige leeftijd ingelijfd door een gewapende groepering en is nu hoofd van een 'transit centrum', waar ex-kindsoldaten worden voorbereid op een terugkeer in de maatschappij. © Merlijn Stoffels, Rode Kruis
Henri werd als kindsoldaat gedwongen om mensen te doden. © Merlijn Stoffels, Rode Kruis
NU.nl vloog met het Rode Kruis naar Shabunda, een geïsoleerde gemeenschap in het oosten van Congo, om daar een gezinshereniging bij te wonen. © Merlijn Stoffels, Rode Kruis
In Walungu helpt Henri zijn moeder nu op het land. Hij heeft zijn eigen huis gebouwd naast dat van zijn moeder. © NU.nl/Daan Heijink
In Bukavu worden kinderen die ledematen hebben verloren geholpen in een kliniek die wordt gesteund door het Rode Kruis. De kinderen missen vaak benen door mijnen, kogels of projectielen. Soms zijn ledematen afgehakt met machetes. © NU.nl/Daan Heijink
Op het terrein van de kliniek staat een fabriekje waar de protheses worden gemaakt. © NU.nl/Daan Heijink
Op een school in Bukavu krijgen kinderen, van wie velen met geamputeerde ledematen of andere aan de oorlog gerelateerde problemen, les. © Alyona Synenko, ICRC
Een meisje leert lopen met een prothese in een kliniek in Bukavu. © Alyona Synenko, ICRC
In Shabunda houdt een 17-jarige jongen de hand van zijn oom vast bij een gezinshereniging. © Alyona Synenko, ICRC
Congo is een land dat rijk is aan grondstoffen zoals goud, maar door het conflict en corruptie is Congo een van de armste landen ter wereld. © Merlijn Stoffels, Rode Kruis
Walungu © NU.nl/Daan Heijink
Gezinshereniging in Shabunda. © Alyona Synenko, ICRC
In het uitgestrekte oerwoud in de buurt van Shabunda zijn gewapende groeperingen nog altijd actief. © NU.nl/Daan Heijink
Voormalig kindsoldaten en straatkinderen in het transit centrum. Dit jaar werden 36 kinderen uit het centrum in Bukavu herenigd met hun ouders. © NU.nl/Daan Heijink

Afrikaanse Wereldoorlog

Tussen 1994 en 2003 kwamen in Congo ongeveer vijf miljoen mensen om het leven in een conflict dat bekendstaat als de Afrikaanse Wereldoorlog. In het oosten van Congo wordt nog altijd gevochten tussen verschillende gewapende groeperingen en het Congolese leger, onder meer om toegang tot de mijnen waar goud en andere waardevolle grondstoffen worden gedolven.

Nog altijd worden in Oost-Congo kindsoldaten ingezet. De ex-kindsoldaten met wie NU.nl sprak - jongens tussen vijftien en achttien jaar - vertellen dat ze mensen hebben moeten doden in gevechten tussen gewapende groeperingen en het leger. Ze vertellen dat ze zijn ontvoerd en mishandeld en dat ze moesten zien te overleven in het oerwoud.

De 18-jarige Henri, die een jaar geleden door het Rode Kruis werd herenigd met zijn ouders in een gemeenschap op ongeveer twee uur rijden van de grote stad Bukavu, vertelt dat hij werd ontvoerd bij een goudmijn. Hij werd meegenomen naar het kamp van een gewapende groepering en daar met een zweep geslagen. Daarna leerde hij om te schieten. In zijn arm werden sneden gemaakt waarin een stofje werd gedrukt, zodat kogels zijn lichaam niet zouden kunnen binnendringen.

Video: Voormalig kindsoldaat loopt na hereniging met familie naar huis

Agressief

Veel van de kindsoldaten die ontsnappen of op straat komen te staan nadat een gewapende groepering zich heeft overgegeven, komen terecht in een zogeheten 'transitcentrum'. In dat centrum leren ze normen en waarden en krijgen ze, met de steun van het Rode Kruis, onderwijs. Op die manier worden de kinderen voorbereid op een terugkeer in de maatschappij en een hereniging met familie.  

De directeur van zo'n transitcentrum in Bukavu, 'Papi', was als 13-jarige zelf kindsoldaat en vertelt dat de jongens die binnenkomen meestal geen besef meer hebben van wat normaal is. Ze zijn agressief, gebruiken drugs en luisteren niet naar de leiding. Zo was hij naar eigen zeggen zelf ook toen hij als ex-kindsoldaat in het centrum belandde.

Gezinshereniging

Als kinderen in het transitcentrum voldoen aan een aantal criteria - ze moeten jonger dan achttien zijn, geen ouders bij zich hebben, ontheemd zijn geraakt vanwege het conflict en iets kunnen vertellen over hun voormalige thuissituatie - kan het proces voor een gezinshereniging worden gestart.

Dat proces is succesvol. Volgens Nazli Sannier, als vertegenwoordiger van het internationale Rode Kruis in Zuid-Kivu belast met de portefeuille gezinsherenigingen, komen nagenoeg alle Congolese kinderen in het transitcentrum uiteindelijk bij familie terecht. Meestal blijven ze niet langer dan een jaar in het centrum.

Voor sommige kinderen, met name kinderen met een Rwandese achtergrond, is terugplaatsing ingewikkelder omdat bepaalde gewapende groeperingen herenigingen tegenwerken.

In 2015 werden tot nu toe 36 kinderen en jongeren uit het centrum in Bukavu herenigd met hun familie - in 2013 waren dat er nog 123. In heel Oost-Congo worden elke maand tientallen ex-kindsoldaten herenigd met familieleden, zo blijkt uit cijfers van het Rode Kruis. In de eerste zes maanden van dit jaar werden in Oost-Congo in totaal 260 voormalig kindsoldaten herenigd.

Shabunda

Twee jongens die recentelijk in het geïsoleerde district Shabunda werden herenigd, een voormalig kindsoldaat en een jongen die kookte voor soldaten binnen een gewapende groepering, vertellen dat het niet gemakkelijk is om te aarden na hun terugkeer. 

Ze zeggen dat ze in het transitcentrum drie keer per dag te eten kregen en zeep om hun kleren te wassen. In het dorp hebben ze weinig te eten en de hygiëne is slecht. Ze vervelen zich en doen naar eigen zeggen hun best om op het goede pad te blijven.

Video: Straatbeeld Shabunda

Pakket

Het Rode Kruis probeert de teruggekeerde kinderen en jongeren op gang te helpen met een 'kit'; een pakket dat de kinderen zelf hebben samengesteld om na hun terugkeer wat op te kunnen bouwen. In het pakket zitten bijvoorbeeld zaden voor landbouw, of materiaal om een kapperszaakje te openen. Andere kinderen krijgen schoolspullen of beroepstrainingen. Ook biedt de organisatie psychische hulp. 

NU.nl bezocht in Oost-Congo ook een kliniek voor kinderen die slachtoffer zijn geworden van het conflict. Velen van hen missen ledematen. Ze zijn geraakt door kogels, projectielen of ze zijn op een mijn gestapt. Van sommige kinderen zijn ledematen afgehakt met een machete. In de kliniek krijgen de kinderen protheses en leren ze lopen. Naast de kliniek is een school waar ze les krijgen.

Video: Kinderen in kliniek Oost-Congo

3FM Serious Request richt zich dit jaar op de toekomst van kinderen en jongeren in oorlogs- en conflictgebieden zoals Congo, de Centraal-Afrikaanse Republiek, Zuid-Soedan en Syrië.