Bangladesh heeft zondag (plaatselijke tijd) twee oppositieleiders geëxecuteerd voor oorlogsmisdaden die ze in 1971 zouden hebben begaan. 

Het gaat om misdrijven tijdens de oorlog waarmee Bangladesh zich van Pakistan afscheidde.

De islamistische oppositieleider Ali Ahsan Mohammad Mujahid en Salauddin Quader Chowdhury, voormalig parlementariër van de Nationalistische Partij Bangladesh, zijn gelijktijdig opgehangen, meldt een politiewoordvoerder. Dat gebeurde drie dagen nadat president Abdul Hamid hun genadeverzoek had afgewezen.

Mujahid was schuldig bevonden aan vijf aanklachten, waaronder marteling en de moord op intellectuelen en hindoes toen hij bevelhebber was van een tak van het Pakistaanse leger. Chowdhury was veroordeeld wegens volkerenmoord, religieuze vervolging, ontvoering en marteling tijdens de oorlog.

Bangladesh zet zich intussen schrap voor de reacties op de executies. In delen van het land is het leger ingezet na oproepen om tegen de terechtstellingen te protesteren.