De aanklager van het Openbaar Ministerie (OM) in Frankrijk vindt niet dat Marine Le Pen moet worden vervolgd voor een omstreden uitspraak die ze vijf jaar geleden deed. 

De leidster van de extreemrechtse partij Front National vergeleek in 2010 Islamitische straatpredikanten met nazi's.

Volgens de aanklager was die uitlating weliswaar ''schokkend'', maar tegelijkertijd onderdeel van ''het recht op vrijheid van meningsuiting''.

De 47-jarige politica deed haar omstreden uitspraak tijdens een bijeenkomst in Lyon, toen haar partij werd bekritiseerd vanwege de felle houding tegenover immigratie en de radicale islam.

Bezetting

''Sorry, maar als we het hier over de Tweede Wereldoorlog moeten hebben, als we het dan toch over bezetting moeten hebben, dan moeten we het hebben over die straatpredikanten'', zei Le Pen toen.

''Zij maken zich duidelijk schuldig aan bezetting'', vervolgde Le Pen. ''Ze houden de buurten in hun macht en stellen religieuze wetten in. Er zijn geen tanks, er zijn geen soldaten, maar toch is het een vorm van bezetting. Dat onderdrukt de mensen hier.''

Veel mensen namen aanstoot aan die uitlatingen en ze werd aangeklaagd voor het aanzetten tot discriminatie van religieuze overtuigingen van mensen.

Le Pen moest zich dinsdag verantwoorden voor de rechter, nadat de zaak al verschillende keren was aangehouden. In december schoven rechters de zaak nog terzijde, maar anti-racismegroepen dienden een nieuwe klacht in, waarna de zaak toch weer werd heropend. De aanklager vindt echter dat Le Pen moet worden vrijgesproken.

Het is niet bekend wanneer de uitspraak volgt. De rechters mogen Le Pen in principe nog steeds veroordelen.