Proces tegen militieleider Congo begonnen in Internationaal Strafhof

Het proces tegen de Rwandees Bosco Ntaganda (41) bij het Internationaal Strafhof (ICC) in Den Haag is woensdag begonnen.

Hij staat terecht voor misdaden tegen de menselijkheid en oorlogsmisdaden, gepleegd in de Democratische Republiek Congo.

Ntaganda heeft woensdag betoogd onschuldig te zijn. Hij wordt beschuldigd van wreedheden, die hem de bijnaam "The Terminator" hebben bezorgd.

Hij wordt verantwoordelijk gehouden voor onder meer moordpartijen, verkrachtingen, het houden van seksslaven en kindsoldaten. De misdaden waar het ICC hem van beschuldigt, zijn in de jaren 2002 en 2003 gepleegd in de Congolese regio Ituri.

De regio is rijk aan waardevolle delfstoffen zoals coltan dat voor moderne communicatiemiddelen, zoals mobiele telefoons, wordt gebruikt.

Tutsi-stam

Ntaganda, lid van de Tutsi-stam, kwam daar midden jaren negentig terecht en werd militieleider. De bendes die hij aanvoerde noemden zich Unie van Congolese Patriotten en Patriottisch Bevrijdingsleger van Congo.

Voor zijn komst naar Congo diende hij in de troepenmacht van de Rwandese Tutsi-leider Paul Kagame die in Rwanda al meer dan twintig jaar aan de macht is.

Het ICC zocht Ntaganda sinds 2006 maar hij kon pas in 2013 worden opgepakt, nadat hij zich in zijn geboorteland Rwanda had overgegeven aan leden van de ambassade van de VS in Kigali.

Ntaganda toont de betrokkenheid van Rwanda bij talrijke gruwelen die in Congo gepleegd zijn. Sinds 1998 zijn naar schatting vijf miljoen mensen om het leven gekomen als gevolg van de strijd en de gewelddadige plunderingen van Congo's natuurlijke rijkdommen.

Lees meer over:
icc
Tip de redactie