Strijdende partijen in Jemen maken zich mogelijk schuldig aan oorlogsmisdaden tegen de inwoners van het land, constateert mensenrechtenorganisatie Amnesty International in een dinsdag uitgebracht rapport.

Volgens Amnesty stapelen de bewijzen zich op tegen zowel de rebellen als de coalitie van landen onder leiding van Saudi-Arabië die geregeld luchtaanvallen uitvoert in Jemen.

"Burgers in het zuiden van Jemen zitten ingeklemd tussen strijders die loyaal zijn aan de Houthi-rebellen en zij die tegen de rebellen vechten. Ook worden hun levens continu bedreigd door luchtaanvallen". Amnesty noemt de luchtaanvallen door Saudi-Arabië in het rapport "illegaal".

Medewerkers van Amnesty hebben in juni en juli onderzoek gedaan in het door oorlog geteisterde land. Ze beschrijven in het rapport de bloedige taferelen die volgen op aanvallen door zowel de coalitie als strijders op de grond.

Dichtbevolkte gebieden

Amnesty constateert dat opvallend vaak dichtbevolkte gebieden worden aangevallen. Zo beschrijft Amnesty hoe tien leden van een familie, onder wie vier kinderen, werden gedood bij een luchtaanval op een school in Aden. De familie was juist naar de school gekomen om bescherming te zoeken tegen het geweld.

De strijd in Jemen gaat tussen het leger en de sjiitische Houthi-rebellen. De coalitie onder leiding van Saudi-Arabië probeert de door de rebellen verdreven regering terug in het zadel te helpen door grootschalige bombardementen op de Houthi's.