Minstens 100.000 Rohingya-moslims zijn hun thuisland Myanmar per boot ontvlucht in de afgelopen drie jaar. Dat komt neer op 10 procent van de totale moslimminderheid in het overwegend boeddhistische land. 

Dat zegt de mensenrechtenorganisatie Arakan Project in The Guardian.

De Rohingya kregen in 2012 te maken met geweld van boeddhistische groepen. Van de overheid hoeven ze niet veel te verwachten: die ziet hen niet als volwaardige staatsburgers, maar als vluchtelingen uit Bangladesh en daarmee als last.

"Deze cijfers geven nog geen volledig beeld van de gedwongen migratie van Rohingya", zei een woordvoerder van Arakan Project tegen de Britse krant.

Mensensmokkelaars

Hoeveel mensen over land vluchten weet de organisatie bijvoorbeeld niet. Ook is niet iedere haven die door mensensmokkelaars wordt gebruikt in beeld.

Nobelprijswinnares Malala Yousafzai riep de leiders van Myanmar op de Rohingya waardig en respectvol te behandelen. "De Rohingya verdienen het als gewone burgers te worden behandeld in het land waar zij zijn geboren en al generaties lang leven. Zij hebben recht op dezelfde rechten en mogelijkheden als andere burgers", aldus de Pakistaanse jonge vrouw, die haar strijd voor het recht van vrouwen op onderwijs bijna met de dood moest bekopen.