Ruim vier jaar na de nucleaire ramp in het Japanse Fukushima zijn kleine deeltjes radioactief materiaal gevonden aan de andere kant van de Stille Oceaan.

Dat meldt de Amerikaanse nieuwszender ABC News dinsdag.

Onderzoekers hebben aan de Canadese kust sporen gevonden van de radioactieve isotopen cesium-134 en cesium-137.

Volgens wetenschappers van het Woods Hole Oceanografisch Instituut (WHOI) zijn de aangetroffen sporen ver beneden gevaarlijke niveaus. Wel houden onderzoekers de situatie scherp in de gaten; op zestig plaatsen aan de westkust van de Verenigde Staten en Canada wordt nog altijd doorlopend gemeten.

Eerder werd al radioactief materiaal gevonden op zo'n 160 kilometer uit de kust van Californië.

Dat de sporen inderdaad afkomstig zijn van Fukushima, lijdt nauwelijks twijfel, aangezien de gevonden isotopen van nature niet voorkomen op aarde; hun bestaan is het resultaat van kernsplijting.

Tsunami

De Japanse kerncentrale raakte in maart 2011 gehavend door een aardbeving en een daaropvolgende tsunami. Het was een van de grootste kernrampen ooit.

Nog altijd lekt met enige regelmaat radioactief materiaal in zee en is het gebied rond de centrale onbewoonbaar. De ingewikkelde ontmanteling van het verwoeste bouwwerk kan nog tientallen jaren gaan duren.