Vliegtuigen die over afgelegen gebieden van oceanen vliegen moeten beter worden gevolgd. Het is een van de lessen die de luchtvaart moet trekken uit de verdwijning van Malaysia Airlines vlucht MH370, bijna een jaar geleden.

Dat vindt de directeur-generaal van de Vereniging van Aziatische en Pacifische Luchtvaartmaatschappijen (AAPA).

''Deze zaak heeft duidelijk gemaakt hoe moeilijk het is om een vermist vliegtuig te vinden'', stelt Andrew Herdman van AAPA zondag. Hij vindt wel dat voorkomen moet worden dat luchtverkeersleiders worden overbelast.

Vrijwel tegelijkertijd kondigde de Australische vicepremier Warren Truss, verantwoordelijk voor de luchtvaart in Australië, volgens Australische media aan dat zijn land samen met Maleisië en Indonesië een proef met het beter volgen van vliegtuigen boven oceanen start.

Toestellen worden dan ieder kwartier automatisch getraceerd. Nu is dat boven zee iedere dertig tot veertig minuten. Voor het traceren worden satellietgegevens gebruikt.

Video: 'Volg vliegtuigen beter boven oceanen'

Directe verbeteringen

''Deze nieuwe aanpak zorgt voor directe verbeteringen bij het monitoren van langeafstandsvluchten en zal het publiek meer vertrouwen in de luchtvaart geven, zonder dat luchtvaartmaatschappijen daarvoor moeten investeren in nieuwe technologie'', zei Truss volgens ABC Online.

MH370 verdween op 8 maart van de radar. De Boeing 777 was van Kuala Lumpur met 239 mensen aan boord onderweg naar Peking. Het toestel is nog altijd niet gevonden. Momenteel zoekt het Nederlandse bedrijf Fugro op de bodem van de Indische Oceaan.