De nieuwe NAVO-flitsmacht, waaraan Nederland meedoet, gaat eind mei of begin juni oefenen. De militairen moeten naar Polen.

Het is de eerste test om te kijken hoe snel de troepenmacht kan oprukken. In april is een paraatheidsoefening waarbij nog geen militairen worden verplaatst.

Dat is maandag van hooggeplaatste diplomaten in Brussel vernomen. Behalve Nederland zijn Duitsland en Noorwegen bij de flitsmacht betrokken.

Aan de oefening richting Polen doen naar verwachting vijfhonderd tot achthonderd manschappen mee, onder wie enkele honderden Nederlanders.

De NAVO besloot vorig jaar tot de oprichting van een flitsmacht zodat de militaire alliantie binnen enkele dagen een NAVO-bondgenoot te hulp kan schieten.

Nederland, Noorwegen en Duitsland besloten een voorlopige macht op te zetten om ervaring op te doen. In noodgevallen moet deze interim-macht echter meteen inzetbaar zijn.

Concept

De ministers van Defensie van de 28 NAVO-lidstaten buigen zich donderdag in Brussel over het concept van de nieuwe flitsmacht. Minister Jeanine Hennis en haar Duitse en Noorse collega zullen hun plannen verder uit de doeken doen.

De flitsmacht, die volgend jaar operationeel zou kunnen zijn, is een reactie op de Russische agressie tegen NAVO-partner Oekraïne. NAVO-bondgenoten in de regio voelen zich bedreigd door Moskou.

De militaire alliantie gaat in zes Oost-Europese NAVO-landen ook steunpunten opzetten om haar zichtbaarheid te vergroten en de Russen af te schrikken.

Het gaat om zogenoemde integratie-eenheden van veertig officieren: twintig uit het gastland en twintig uit andere NAVO-landen. Zij bereiden bijvoorbeeld de komst voor van buitenlandse NAVO-militairen die komen oefenen.