De Verenigde Naties (VN) en de Democratische Republiek Congo (DRC) zijn begonnen aan een offensief tegen rebellengroep FDLR.

Die groep had tot 2 januari om de wapens in te leveren en zich over te geven. Nu dat ultimatum voorbij is, laait de strijd op.

De troepen vallen nu eerst een andere rebellengroep aan, de FNL. Daarmee willen ze volgens een diplomaat van de VN de weg vrijmaken voor een offensief tegen de FDLR-milities die zich niet hebben overgegeven.

Eerst werd maandag een dorpje in het oosten van Congo onder vuur genomen vanuit helikopters, daarna volgde een grondoffensief.

De FDLR is een van de belangrijkste partijen in het langslepende conflict tussen de overheid en verschillende milities in Congo. Die groepering vond haar oorsprong in Hutu-milities, die naar Congo vertrokken na een moordpartij op Tutsi's in 1994 in Rwanda.

M23

De VN en het Congolese leger strijden al langer tegen verschillende groeperingen in het oosten van het land. In 2013 werd de zeer gewelddadige beweging M23 verslagen. Dat was de machtigste militie. De strijd tegen andere milities zoals de invloedrijke FDLR doofde toen, maar aan die rust lijkt nu weer een einde gekomen.

De FNL is overigens net als de FDLR een Hutu-militie, maar met wortels in buurland Burundi. Dat land viel op zijn beurt een niet nader genoemde rebellengroep aan, net over de grens in Congo. De regering van Burundi meldde maandag dat daarbij 95 mensen waren gedood.