Het gebruik van steekpenningen komt veel vaker voor in ontwikkelde economieën, dan in minder ontwikkelde landen.

De meeste mensen die steekpenningen aannemen en aanbieden, komen dan ook uit welvarende landen. Dat concludeert concludeert de OESO (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling) dinsdag op basis van een onderzoek.

Voor dat onderzoek werden ruim vierhonderd zaken bekeken waarin bedrijven of mensen uit 41 landen betrokken waren bij een omkoopschandaal. Het vaakst werden ambtenaren omgekocht, gevolgd door douaniers.

Regeringsleiders en hooggeplaatste regeringsfunctionarissen waren in slecht 5 procent van de omkoopschandalen betrokken, maar boerden daar wel goed bij. 

Grote bedrijven

De OESO concludeert ook dat de meeste steekpenningen door grote bedrijven worden aangeboden en dat het management en de top van het bedrijf dat doorgaans weten. 

Vaak willen de bedrijven contracten binnenhalen van overheidsbedrijven of -instanties. Gemiddeld werd ruim 11 miljoen euro per onderzochte zaak overhandigd. Dat is ongeveer een derde van het bedrag dat gemiddeld wordt verdiend dankzij de omkoping.