Voormalig coffeeshophouder Jan van L. moet uit zijn Thaise cel om in Nederland terecht te kunnen staan. 

Dat eisen Van L.'s Nederlandse advocaten, onder wie Gerard Spong, dinsdag in een kort geding voor de rechtbank in Den Haag. De raadslieden willen dat Nederland een uitleveringsverzoek voor Van L. indient bij de autoriteiten in Thailand.

Volgens de advocaten zit Van L. al sinds juli onder erbarmelijke omstandigheden in een Thaise gevangenis. En dat is de schuld van het Openbaar Ministerie (OM) in Nederland, zeggen zij.

In een Nederlands onderzoek naar handel in softdrugs in vier coffeeshops in het zuiden van het land stuurde het OM onvolledige en onjuiste informatie naar Thailand, aldus de advocaten, met het verzoek ''al het nodige te doen''. Kort daarna belandde Van L., die in Thailand verbleef, in de cel. Het OM had de Thai moeten inlichten over het Nederlandse coffeeshopbeleid, vinden de raadslieden.

Van L. zou in Thailand drugsgeld hebben witgewassen. Volgens zijn advocaten is er over zijn verdiensten in Nederland belasting betaald.