Het Kunstmuseum in de Zwitserse hoofdstad Bern heeft de collectie van kunstverzamelaar Cornelius Gurlitt aanvaard.

Dit bevestigde Christoph Schäublin, voorzitter van de stichting die het museum beheert, maandag. De verzameling zou kunst bevatten die in de Tweede Wereldoorlog is geroofd.

In 2011 trof de Duitse douane in het appartement van de overleden Duitser Gurlitt (1932-2014) in München 1.400 schilderijen aan, maar de vondst werd pas eind vorig jaar bekend.

Gurlitts vader Hildebrand, in de Duitse pers ook wel eens aangeduid als ''de kunsthandelaar van Hitler'', had de kunstwerken in dubieuze omstandigheden in bezit gekregen in de tijd dat de nazi's in Duitsland aan de macht waren (1933-1945).

De nazi-top bevatte veel verwoede kunstrovers die het onder meer hadden voorzien op eigendommen van Joodse Europeanen die door de nazi's stelselmatig werden vermoord. Deze 'roofkunst' is voor een belangrijk deel niet teruggevonden.

Bekijk de video

Gestolen

Het museum heeft maandag te kennen gegeven dat de door de nazi's gestolen werken naar hun rechtmatige eigenaar terug zullen keren.

Schäubling heeft met de Duitse autoriteiten afgesproken dat werken die mogelijk afkomstig zijn van slachtoffers van het Duitse naziregime van Adolf Hitler, voorlopig in Duitsland blijven. Daar wordt onderzocht waar de omstreden kunst vandaan komt.

Onder die werken waren schilderijen van Pablo Picasso, Marc Chagall, Henri Matisse en Duitse expressionisten als Emil Nolde en Max Beckmann.

Van het Beierse ministerie van Cultuur mogen de kunstwerken naar Zwitserland.