Het Iraakse leger heeft zaterdag gesteund door soennitische strijders een groot offensief gelanceerd om een deel van de stad Ramadi te heroveren op de Islamitische Staat (IS). 

Dat hebben inwoners van de stad, gelegen ten westen van Bagdad, gezegd. Vooral in de oostelijke wijk Sijariya werd zwaar slag geleverd tussen het leger en IS.

Sijariya werd vrijdag door IS-strijders ingenomen. Zaterdagochtend werd zwaar gevochten en beide partijen vuurden mortiergranaten af. Het Iraakse leger heeft IS voor een deel weten terug te drijven. De terreurorganisatie probeert Ramadi, de hoofdstad van de provincie Anbar, al maanden te veroveren. 

IS zou vrijdag 25 leden van een soennitische stam, die meestreden met het Iraakse leger, hebben gedood tijdens een aanval in een klein dorpje bij Ramadi. De lichamen van de slachtoffers werden zaterdag ontdekt.

De moorden waren waarschijnlijk een wraakactie voor het verzet van Iraakse stammen tegen de islamisten, zeiden lokale machthebbers zaterdag. Ook de ambities van de stammen om hun leefgebied uit te breiden zouden voor IS reden zijn geweest voor het doden van stamleden.

Strijders van IS hebben eind oktober en begin november in korte tijd zeker 322 mensen gedood, veelal door executies.

Terreinwinst IS

IS boekt terreinwinst in de West-Iraakse provincie Anbar, ondanks bombardementen van de internationale coalitie onder leiding van de Verenigde Staten. De stad Ramadi is voor een groot deel al in handen van IS. Vrijdag voerde de beweging gecoördineerde aanvallen uit, in de hoop de volledige stad onder controle te krijgen.

De weg van Ramadi naar de militaire vliegbasis Habbaniya, 25 kilometer ten oosten van de plaats, staat al onder controle van IS. Daardoor is het voor het Iraakse leger niet mogelijk versterkingen te sturen naar de stad. Gewapende stammen in het gebied proberen de weg weer vrij te maken.