Twee bomaanslagen op scholen in de Syrische stad Homs hebben woensdag aan zeker 41 kinderen en 4 andere mensen het leven gekost.

Video
Tientallen mensen raakten gewond, meldden de autoriteiten en waarnemers van het Syrische Observatorium voor Mensenrechten.

De daders zouden zo veel mogelijk kinderen hebben willen treffen door de bommen af te laten gaan op het moment dat de scholen uitgingen. De meeste slachtoffertjes waren jonger dan 12 jaar.

Beide scholen stonden in een wijk waar veel alawieten wonen. De bloedigste aanslag was met een autobom voor de ingang van de Nieuwe Ikrimaschool. Enkele minuten later blies een man zichzelf op voor de ingang van een andere school.

Homs ligt 135 kilometer ten noorden van Damascus en gold eerder als het epicentrum van de opstand tegen president Bashar al-Assad. Die heeft inmiddels de streek van Homs weer onder controle.

De clan van de familie Assad behoort tot de minderheid van de alawieten. Die hebben een geloof dat wortels heeft in de sjiitische islam. De opstand is in Syrië vooral het werk van leden van de soennitische meerderheid.