De Amerikaanse president Barack Obama heeft het Pentagon toestemming gegeven individuele leiders van IS (voorheen ISIS) in Syrië en Irak op te sporen en te doden.

Bovenaan de lijst van doelwitten staat Abu Bakr al-Baghdadi, de opperste leider van de soennitische terreurbeweging, meldde de Washington Post donderdag.

Eerder golden er strikte regels voor het beschieten van IS-leiders zelfs als hun verblijfplaats bekend was. Er mochten alleen luchtaanvallen worden uitgevoerd op de terreurgroep om Amerikanen en Amerikaanse bezittingen in Irak te beschermen. Ook bescherming van vluchtelingen en cruciale infrastructuur waren geldige redenen.

Een woordvoerder van het Pentagon wilde donderdag niet ingaan op de order maar gaf wel aan dat er een verschuiving in militaire operaties zal komen.

''Een van de manieren waarop je het kunt doen is de mogelijkheden van een vijand zoals IS te vernietigen door tamelijk agressief tegen ze op te treden. En daaronder valt het verstoren van hun mogelijkheden hun troepen te commanderen, controleren en te leiden."

Vaag beeld

Obama heeft ongeveer 125 manschappen naar Irak gestuurd die bewapende surveillancevluchten zullen uitvoeren vanaf een basis in de stad Arbil, in het noorden van het land. Al sinds juni worden er verkenningsvluchten boven het land uitgevoerd maar functionarissen hebben naar eigen zeggen alleen nog maar een vaag beeld van de militaire kracht en het aantal manschappen van IS.

Jagen op de leiders is vermoedelijk een moeilijke klus die vraagt om informatie vanaf de grond en de geduldige inzet van drones die weken of maanden kan duren. Daarvoor zijn volgens generaal b.d. James Poss van de luchtmacht die toezicht hield op dergelijke operaties in Afghanistan, behoorlijk wat middelen nodig. ''Het is meer dan alleen een vliegtuig de lucht insturen om rond te kijken,'' zo stelt hij.

Vier dingen die u moet weten over IS | Islamitische Staat zonder bondgenoten l Dossier Irak