Op zaterdag 9 augustus werd de 18-jarige Michael Brown in Ferguson doodgeschoten door een agent. Sindsdien is het onrustig in de voorstad van St. Louis, in de Amerikaanse staat Missouri. Vijf dingen over het voorval en de nasleep.

De 18-jarige jongen was ongewapend. 

Michael Brown, die net de middelbare school had afgerond, werd op straat neergeschoten. Hij was met een vriend bij een supermarkt geweest en liep over de weg naar huis. De politie erkent dat Brown geen wapen bij zich droeg.

Wel blijft nog altijd onduidelijk wat er voorafging aan het schietincident. Getuigen zeggen dat de agent meerdere schoten op Brown afvuurde, terwijl die zijn handen in de lucht hield om aan te tonen dat hij ongewapend was. "Murdered in cold blood", zegt een vriend die het zag gebeuren.

Het hoofd van het lokale politiekorps stelt echter dat er een vechtpartij plaatsvond waarbij Brown dreigde het dienstwapen van de agent af te pakken. In de politieauto zou zijn gevochten voordat het eerste schot werd afgevuurd. De agent werd kort in het ziekenhuis opgenomen met een gezwollen gezicht. 

Uit een autopsie bleek zondag dat Brown zeker zes keer is beschoten, waaronder twee keer in het hoofd. Ook is hij zeker vier keer in de rechterarm geraakt. Op het lichaam van Brown zijn geen sporen van kruit gevonden, wat zou bewijzen dat hij van een afstand is doodgeschoten.

Een grote meerderheid van de inwoners van Ferguson is zwart.

Net als veel andere voorsteden van St. Louis is de bevolking van Ferguson gesegregeerd. 67 procent van de bevolking van St. Louis is zwart, 29 procent is blank. Ferguson is bovendien relatief arm: 22 procent van de bevolking leeft onder de armoedegrens.

Volgens CNN heeft Ferguson "een geschiedenis van wantrouwen binnen de overwegend zwarte gemeenschap jegens de overwegend blanke politiemacht". Slechts 3 van de 53 agenten van het lokale politiekorps zijn zwart. 

Meteen na het voorval onstond er onrust in Ferguson.

Veel mensen gingen de straat op om te protesteren tegen het buitensporige politiegeweld en het uitblijven van informatievoorziening over het voorval. Maar er werd ook geprotesteerd tegen 'racial profiling', en tegen de sociale ongelijkheid in de VS. 

Sommige betogers hielden hun handen in de lucht, en vertelden de politie niet te schieten: een verwijzing naar het het dramatische voorval. Tijdens de protesten werden brandjes gesticht, molotovcocktails gegooid, en er was sprake van geweld tegen de politie. De politie reageerde met traangas en rubberkogels. Het politieoptreden wakkerde verdere rellen aan.

Gouverneur Jay Nixon van Missouri maakte de staatspolitie verantwoordelijk voor de ordehandhaving. Ook riep hij de noodtoestand uit en werd een avondklok ingesteld. Nixon zette de Nationale Garde in om verdere escalatie van de rellen te voorkomen.

Nu de jury heeft bepaald dat de agent niet zal worden vervolgd, is het geweld opgelaaid.

De jury, bestaande uit twaalf Amerikaanse burgers, boog zich sinds 20 augustus over de zaak en is tot de conclusie gekomen dat de agent Brown op 9 augustus niet opzettelijk heeft gedood. Meteen na de uitspraak braken er rellen uit in de voorstad van St. Louis.

De Nationale Garde is op de been in Ferguson en er geldt momenteel een no-fly zone boven de stad. De politie schiet met traangas- en flitsgranaten om de demonstranten uit elkaar te drijven.

Demonstranten gooien met objecten naar de politie. Meerdere auto's en gebouwen staan in brand en overal in de stad klinken geweerschoten. Volgens de politie zijn zeker twaalf gebouwen in brand gestoken. Zeker 29 mensen zijn gearresteerd. 

Het drama lijkt veel op een eerder incident.

Begin 2012 schoot buurtwacht George Zimmerman in Florida een 17-jarige zwarte jongen, Trayvon Martin, op straat dood. Martin was ongewapend. Zimmerman claimt dat hij werd aangevallen en zichzelf moest verdedigen.

Duizenden mensen gingen de straat op en beroemdheden poseerden met een hoodie, een verwijzing naar het kledingstuk dat Martin droeg toen hij werd neergeschoten. Zimmerman werd aangeklaagd, maar vrijgesproken.