Levenslang voor leiders Rode Khmer

De enige twee leiders van het bewind van de Rode Khmer in Cambodja die nog in leven zijn, hebben donderdag levenslange gevangenisstraffen gekregen. Ze zijn schuldig aan misdaden tegen de menselijkheid. 

Dat bepaalde het Cambodja-Tribunaal in de Cambodjaanse hoofdstad Phnom Penh donderdag. De aanklager had ook levenslang geëist tegen de hoogbejaarde kopstukken van het bewind van Pol Pot.

De historische vonnissen werden uitgesproken tegen de 83-jarige voormalige president Khieu Samphan en 'Broeder nummer 2', partij-ideoloog Nuon Chea (88).

'Broeder nummer 1' Pol Pot overleed in 1998 zonder ter verantwoording te zijn geroepen. Onder de communistische dictatuur kwamen van 1975 tot 1979 naar schatting 1,7 miljoen Cambodjanen om het leven door honger, een gebrek aan medische zorg, overbelasting en executies. Dat was een kwart van de bevolking op dat moment.

Dwang

Ook inwoners van andere steden en dorpen moesten onder dwang van militairen hun huis verlaten, zonder dat zij vooraf waren gewaarschuwd. De inwoners van Cambodja waren door de oorlog die al enkele jaren in hun land woedde, sterk verzwakt en moesten op het platteland werken zonder voldoende voedsel, water en medische zorg.

Duizenden kwamen door uitputting en ziekten om. Beide oud-Rode Khmer-leiders beweerden niets van wreedheden te hebben geweten.

Pol Pot streefde naar een extreme vorm van communisme en hoopte een agrarische utopia op te zetten.

Ontkennen

Samphan en Chea ontkenden eerder ook al schuldig te zijn en toonden geen zichtbare reactie toen het oordeel werd geveld. Ze kunnen nog in hoger beroep, maar blijven dan wel in detentie.

Khieu Samphan werd in 1976 lid van het Centraal Comité van de Rode Khmer. Hij speelde een grote rol in het economisch beleid van het regime. Ook was hij voorzitter van het staatspresidium. Hoewel dat volgens het tribunaal een vooral symbolische rol speelde, genoot Khieu Samphan door die functie het vertrouwen van de andere leiders van de Rode Khmer.

Nuon Chea was als plaatsvervangend secretaris-generaal van de Rode Khmer de rechterhand van Pol Pot. Hij fungeerde van september 1976 tot 1977 als premier, totdat Pol Pot die functie weer ging vervullen.

Volgens het tribunaal, een samenwerking tussen de Cambodjaanse regering en de Verenigde Naties, was Nuon Chea nauw betrokken bij alle activiteiten van de Rode Khmer. Hij is in het proces bijgestaan door Nederlandse advocaten. Chea zegt dat hij niet wist wat de regering tijdens de dictatuur deed omdat hij parlementsvoorzitter was.

Hoger beroep

Nuon Chea en zijn Nederlandse advocaat Victor Koppe hebben laten weten in hoger beroep te gaan. ''Doordat we niet bijster veel vertrouwen hadden in dit tribunaal, kwam het vonnis niet onverwacht, maar we zijn toch teleurgesteld’’, zegt Koppe.

Zijn cliënt verkeert in goede gezondheid en wil vechten voor zijn zaak in het tweede deel van het proces, over de laatste jaren van het regime. Dat deel neemt nog drie jaar in beslag en wordt, als het aan Koppe ligt, geleid door nieuwe rechters.

Cruciale stap

Amnesty International noemt het vonnis 'een cruciale stap richting gerechtigheid'. Wel plaatst de mensenrechtenorganisatie kanttekeningen bij 'verontrustende' hindernissen die het tribunaal moest overwinnen, zoals de weigering van hoge Cambodjaanse functionarissen om bewijzen aan te leveren en beschuldigingen van politieke inmenging. Amnesty roept op tot een 'snelle en eerlijke' behandeling van de resterende zaken, 'zonder politieke inmenging'. 

Slechts een keer eerder is een vertegenwoordiger van de Rode Khmer veroordeeld. In 2010 werd de 71-jarige Kaing Guek Eav - Duch - tot een levenslange gevangenisstraf veroordeeld. Hij gaf leiding aan een beruchte gevangenis in Phnom Penh.

Lees meer over:
Tip de redactie