De Noord-Koreaanse rederij van een schip dat illegaal Cubaanse wapens vervoerde is door de Verenigde Naties op een zwarte lijst gezet. 

Het schip werd juli vorig jaar in Panama aan de ketting gelegd. Alle landen zijn opgeroepen de tegoeden van de reder te bevriezen.

De sancties tegen Ocean Maritime Management Company werden ingesteld door een speciale commissie van de VN-Veiligheidsraad.

De Panamese autoriteiten hielden het schip, de Chong Chon Gang, tegen toen het probeerde het Panamakanaal op te varen. Vermoed werd dat er drugs aan boord waren.

In plaats daarvan werden onder een lading suiker twee perfect onderhouden Cubaanse straaljagers, raketten en munitie ontdekt. Daarmee heeft het bedrijf uit Pyongyang het VN-wapenembargo tegen Noord-Korea geschonden, vindt de commissie.

Illegaal

Ambassadeur Samantha Power van de Verenigde Staten beschuldigde Cuba en Noord-Korea van 'een cynische, buitensporige en illegale poging tot het omzeilen van VN-sancties die de export van wapens naar Noord-Korea verbieden'. Volgens Power kan de rederij door de sancties internationaal geen zaken meer doen.

De Panamese rechter oordeelde in juni dat de kapitein en twee andere bemanningsleden niet verder vervolgd konden worden omdat de schending van het VN-embargo geen kwestie voor justitie in Panama is.

Wel moesten de wapens en de andere goederen overgedragen worden aan de Panamese autoriteiten. De rest van de 32 opvarenden mocht het schip naar Noord-Korea terugvaren nadat de eigenaar ruim een half miljoen euro boete had betaald.