De oorlog in Syrië heeft sinds de inauguratie van president Bashar Assad op 16 juli aan meer dan tweeduizend mensen het leven gekost. 

De helft daarvan waren militairen of aan de regering gelieerde militiestrijders. Dat heeft het Syrische Observatorium voor de Mensenrechten maandag gemeld.

Het Observatorium telde sinds de strijd in maart 2011 uitbrak meer dan 171 duizend doden in Syrië.

De flinke stijging van het aantal doden wordt volgens het Observatorium onder meer veroorzaakt door de Islamitische Staat (voormalige ISIS), de beweging die in delen van Syrië en Irak een kalifaat heeft uitgeroepen.

De afgelopen weken hebben de IS-strijders een aantal stellingen van het leger aangevallen in Noord- en Centraal-Syrië. Alleen in de afgelopen week veroverden ze al een gasveld en twee grote legerbases. Het leger wist het gasveld te heroveren, maar de strijd kostte aan meer dan driehonderd militairen het leven.

"Dit zijn de zwaarste verliezen voor het regime in een periode van tien dagen sinds de opstand tegen Assad begon", aldus Rami Abdurrahman van het Observatorium.

Chronologie van de Syrische burgeroorlog l Dossier Syrië