Bij de rechtszaak tegen de Zuid-Afrikaanse atleet Oscar Pistorius is dinsdag geen doorslag gegeven over de afkomst van het gegil dat de buren hoorden op de avond dat hij zijn vriendin Reeva Steenkamp doodschoot. 

Ondanks het inroepen van een deskundige kon niet worden bepaald of de klanken van Steenkamp of Pistorius afkomstig waren.

Hoofdaanklager Gerrie Nel ondervroeg geluids- en akoestiekdeskundige Ivan Lin, die door de verdediging was opgeroepen. Enkele buren van Pistorius zeggen op de avond van de schietpartij het gegil van Steenkamp te hebben gehoord.

De verdediging beweert dat dit gegil afkomstig was van Pistorius toen hij zag dat hij niet een inbreker, maar zijn vriendin had neergeschoten.

Claims

Lin kon na het afronden van een onderzoek niet zeggen of de claims van de buren 'juist of onjuist' waren. Volgens de expert is het door omgevingsgeluiden en andere factoren moeilijk om geluiden accuraat van een afstand te onderscheiden. Daardoor kan niet met zekerheid worden gezegd of het gekrijs van een man of vrouw afkomstig was.

De kwestie rondom het gegil is een belangrijk onderdeel van het onderzoek. Pistorius beweert dat hij Steenkamp doodde omdat hij haar aanzag voor een inbreker. Aanklagers gaan er van uit dat de sporter zijn vriendin neerschoot nadat ze een fikse ruzie hadden gehad.

Als Pistorius schuldig wordt bevonden aan moord met voorbedachte rade kan hij 25 jaar celstraf krijgen. Maandag werd bekend dat hij niet aan een psychische stoornis leed op het moment dat hij Steenkamp doodde.

Zes dingen over de zaak-Pistorius