'10,8 miljoen Syriërs hebben hulp nodig'

De humanitaire situatie in Syrië verslechtert en het aantal mensen dat humanitaire hulp nodig heeft is opgelopen tot 10,8 miljoen, bijna de helft van de Syrische bevolking. 

Dat heeft secretaris-generaal Ban Ki-moon van de Verenigde Naties vrijdag gezegd. In een rapport voor de VN-Veiligheidsraad schrijft Ban dat het aantal mensen dat in gebieden woont waar hulpverleners moeilijk of niet kunnen komen is gestegen tot 4,7 miljoen mensen.

De VN-chef schetst in het rapport een grimmig beeld van de situatie in het land, waar het geweld steeds erger wordt en het regeringsleger steeds vaker aanvallen met bomvaten pleegt. Bij die aanvallen worden geregeld gebieden getroffen waar veel burgers wonen.

Ook neemt het aantal executies en terreuraanslagen toe. "Pogingen om de humanitaire hulp uit te breiden voor de mensen die dit het meest nodig hebben stuiten voortdurend op vertraging en tegenwerking", aldus Ban.

Valerie Amos

Op dit moment moet alle humanitaire hulp via Damascus lopen. Mensenrechtenchef van de VN Valerie Amos heeft herhaaldelijk kritiek geleverd op deze werkwijze. Ook Ban Ki-moon hekelt deze gang van zaken. Hij noemt het 'inhumaan en onwettig' dat de regering de levering van medicijnen en andere medische spullen tegenhoudt. "Tienduizenden burgers wordt totaal willekeurig dringende en levensreddende medische hulp ontzegd", aldus Ban.

De Syrische regering herhaalde vrijdag nog eens dat ze niet toestaat dat humanitaire hulp wordt geleverd in gebieden die in handen van de opstandelingen zijn zonder dat daar eerst toestemming voor is gegeven. Gebeurt dat wel, dan komt dat volgens Damascus neer op een 'aanval op de Syrische staat'. Volgens Ban heeft dit tot gevolg dat slechts een kwart van de humanitaire hulp terechtkomt in gebieden die in handen van de oppositie zijn.

In februari nam de Veiligheidsraad nog een resolutie aan waarin werd geëist dat alle partijen in Syrië noodhulp moeten doorlaten. Ban zei vrijdag echter dat de situatie alleen maar verder achteruit gaat. Al weken wordt onderhandeld over een nieuwe resolutie, waarin moet worden opgenomen dat noodhulp ook moet kunnen worden geleverd zonder toestemming van de regering van de Syrische president Bashar Assad. Het Westen en Rusland zijn het echter nog altijd niet eens geworden over de uiteindelijke tekst van de resolutie.

Politieke oerknal

"Eerlijk gezegd verdenk ik (het Westen) ervan dat hun grootste belang vaak is een soort politieke oerknal te veroorzaken", zei de Russische VN-ambassadeur Vitali Tsjoerkin. "Als die politieke oerknal uitblijft, als we ons in plaats daarvan richten op de humanitaire situatie, dan verliezen ze vaak hun interesse in de hele kwestie. Dus we zien we wel wat er uit de discussie over de resolutie komt."

Australië, een van de aanjagers van de nieuwe resolutie, noemt een Russisch voorstel voor een nieuwe tekst 'niet genoeg' en 'een stap terug'. "We moeten ervoor zorgen dat het op de grond uiteindelijk werkt en leidt tot meer toegang (voor hulpverleners), maar zijn er niet van overtuigd dat dit het geval is", zei de Australische VN-ambassadeur Gary Quinlan.

Chronologie van de Syrische burgeroorlog l Dossier Syrië

Lees meer over:
Tip de redactie