Een dag nadat het constitutioneel hof Yingluck Shinawatra als premier van Thailand had afgezet, heeft een anticorruptiecommissie haar van nalatigheid beschuldigd.

De commissie stelt dat Shinawatra moet worden vervolgd voor de manier waarop ze subsidies voor rijstboeren heeft behandeld.

De zaak zou uiteindelijk kunnen leiden tot een verbod voor vijf jaar om zich met politiek bezig te houden en mogelijk ook tot een celstraf.

Aanhangers van Shinawatra noemen haar ontslag een staatsgreep gepleegd door magistraten. De chaotische strijd tussen de Thaise elites beleeft tal van hoogte- en dieptepunten sinds 2006, toen Yinglucks broer Thaksin Shinawatra als premier door het leger werd afgezet.

Het land heeft sindsdien zeven premiers gekend, inclusief de huidige interim-premier Niwatthamrong Boonsongpaisan.

Zakenlieden

De Shinawatra's zijn rijke zakenlieden met een grote steun onder de armere plattelandsbevolking, vooral in het noorden. Hun tegenstanders worden aangevoerd door het establishment van Bangkok dat steun krijgt van de middenstand in de hoofdstad, fanatieke monarchisten en groepen uit het zuiden van het land.

De rivaliserende kampen trommelen vaak menigtes op om langdurig in Bangkok te betogen. Dat heeft de stad de laatste jaren een erg slecht imago bezorgd. Aangenomen wordt dat Shinawatra's aanhang het ongenoegen over haar afzetting snel in Bangkok komt uiten.

Achtergrond: Rood en geel onverzoenbaar in Thailand