Een bestuurder van de Tataarse minderheid op de Krim is dinsdag afgetuigd door zelfverklaarde 'leden van de zelfverdedigingsmacht van de Krim'. 

Dat meldt Radio Free Europe op gezag van het Tataarse zelfbestuursorgaan ter plaatse, de Mejlis. Dat zegt te vrezen dat de islamitische minderheid het de komende tijd vaker moet ontgelden. Tataren die naar het westen van Oekraïne zijn uitgeweken, hebben het daar soms echter niet minder moeilijk.

Mejlis-lid Abduraman Egiz kreeg klappen toen hij bleef weigeren zich te identificeren zo lang er geen politie bij was. Zijn belagers, allen in uniform, doorzochten volgens de Mejlis ook zijn auto. De mannen lieten Egiz pas gaan toen ze ontdekten met wie ze van doen hadden.

De nieuwe pro-Russische machthebbers op de Krim, die de aansluiting van het Oekraïense schiereiland bij Rusland hebben doorgedrukt, hebben een- en andermaal verklaard dat de Tataren op hun bescherming kunnen rekenen.

De splinternieuwe grondwet voor de Krim erkent het Krimtataars zelfs als officiële voertaal, naast het Russisch en het Oekraïens.

Tegenspraak

Maar tegenspraak duldt het nieuwe bewind niet. Voor de voorman van de Krimtataren, Moestafa Dzjemilev, is de Krim verboden gebied. De Mejlis-voorzitter waagde kritiek te uiten op de Russische inlijving van de Krim. Zijn inreisverbod leidde tot demonstraties van duizenden Tataren aan de grens van de Krim, die uitmondden in gevechten met de politie.

Het verzet van de Tataarse minderheid is een doorn in het oog van de door Rusland aangestelde procureur-generaal ter plaatse. Deze Nataliya Poklonskaja waarschuwt dat zij de Mejlis zal opdoeken als er geen einde komt aan de 'radicale activiteiten' van Dzjemilevs medestanders.

Verlaten

Sinds de Krim in het referendum van 16 maart voor aansluiting bij Rusland stemde, hebben een duizendtal Tataren het schiereiland verlaten, schrijft het Duitse weekblad Die Zeit.

De ballingen maken een kleine minderheid uit van de driehonderdduizend man sterke minderheid op de Krim. Elders een nieuw bestaan beginnen is dan ook niet gemakkelijk.

Vooruit, het westen van Oekraïne ontvangt de Tataren hartelijk. Maar op financiële hulp van het stadsbestuur of de regering hoeven ze niet te rekenen, tekende Die Zeit op in Lviv, waar bijna de helft van de uitgeweken Krim-bewoners is neergestreken.

De Oekraïense overheid ziet de Tataren, geheel volgens de letter van het internationaal recht, niet als vluchtelingen maar als gewone burgers.

Lviv

Tataren die al langer in Lviv woonden proberen hun geloofsgenoten te helpen. Ze zoeken voor hen naar onderdak en zamelen geld in. Veel uitgeweken gezinnen zijn volkomen berooid. Hun bankrekeningen zijn sinds de aansluiting van de Krim bij Rusland geblokkeerd. Tientallen Tataren leven al maanden in schamele hutjes aan de stadsrand. Wachtend op hulp of een plotselinge wending van het lot.

Echt thuis voelen veel Tataren zich echter niet in het Oekraïenstalige, christelijke en op Europa gerichte Lviv. Er is niet eens een moskee, klagen veel ballingen. Ze dromen van een terugkeer naar hun Krim.

Maar daarvoor moet op de Krim nog veel veranderen, vindt Tatarenleider Dzjemilev. Hij waarschuwt dat de Tataren in de aanloop naar 18 mei, als zij herdenken hoe zij tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn weggevoerd door het Stalinbewind, moeten vrezen voor verder geweld van de zijde van pro-Russische militanten.

Dit moet u weten over de onrust in Oost-Oekraïne

Chronologie van de gebeurtenissen in Oekraïne l Dossier Oekraïne