Afghanistan gaat komend weekeinde naar de stembus om een nieuwe president te kiezen. Dat zou op zichzelf wel eens de belangrijkste erfenis van vertrekkend president Hamid Karzai kunnen zijn. 

De afgelopen jaren is er veel kritiek geweest op Karzai. Zijn veranderlijke gedrag en zijn onvermogen, misschien zelfs onwil, om corruptie aan te pakken, waren geregeld onderwerp van gesprek. 

Maar in een land dat gebukt ging onder tientallen jaren van oorlogvoering is het feit dat Karzai op democratische wijze plaatsmaakt voor een opvolger geen geringe prestatie.

Dat hij opstapt, komt ook door de nieuwe grondwet die onder zijn leiding tot stand kwam. Daarin is vastgelegd dat een president maximaal twee termijnen van vijf jaar mag blijven zitten. 

Mijlpaal

De verkiezingen van 5 april 'zijn een historische mijlpaal die op diverse manieren gaan bepalen hoe hij in de geschiedenisboeken terechtkomt', zei de Amerikaanse ambassadeur James Cunningham vorige week. Bovendien 'is het een belangrijke aanwijzing voor de toekomst van het land'. 

Karzai werd twaalf jaar geleden als president aangewezen. Gehoopt werd dat hij de man was die boven de etnische verschillen kon uitstijgen, voormalige vijanden de hand kon reiken en de Afghanen bijeen kon brengen. Na vijf jaar van verstikkend beleid door de Taliban konden mensen eindelijk voor hun mening uitkomen. 

"Dit is een van zijn grootste prestaties. We zijn hier en we kunnen zeggen wat we willen en we kunnen het tegen hem zeggen", aldus Saim Khogyani, een van 69 vrouwelijke parlementsleden. "Of hij doet wat we vragen is een tweede, maar hij luistert in ieder geval." 

Vrouwen

Ook op andere vlakken heeft Afghanistan zich ontwikkeld. In grote delen van het land hebben vrouwen inmiddels meer kansen gekregen, er zijn scholen geopend en nieuwe overheidsinstellingen functioneren tot op zekere hoogte. 

Hoewel Afghanistan dus grote stappen heeft gezet, is de Taliban nog altijd het zwijgen niet opgelegd en wordt nog altijd gevreesd voor een burgeroorlog.

De wijdverbreide corruptie, het slechte landsbestuur en de hardnekkige armoede drijven mensen in de armen van de Taliban, die in grote delen van het platteland in het oosten en zuiden van Afghanistan nog altijd heer en meester zijn.

De Taliban hebben weinig interesse in vrede getoond en juist de tegenaanval ingezet om te proberen de gang naar de stembus te verstoren. 

Pakistan

Karzai woonde in de jaren tachtig in Pakistan, toen de voormalige Sovjet-Unie Afghanistan bombardeerde. In die tijd sprak hij over zijn jeugd in Afghanistan en vertelde hij over zijn vader die in de zuidelijke stad Kandahar woonde en daar als stamhoofd met één handgebaar beslissingen nam.

"Wat hij zag als democratie, was wat zijn vader deed in Kandahar", aldus de Afghaanse journalist Ahmad Rashid. "Ik denk dat de herinneringen aan zijn vader en zijn verleden en de wijze waarop in de jaren zestig, toen hij kind was, werd bestuurd, een grote invloed op hem hebben gehad." 

Kort nadat de Taliban in 1996 in Kabul de macht hadden gegrepen, ontpopte Karzai zich als een ware koppelaar. Hij wist diverse groepen die tegen de Taliban streden samen te brengen.

Na de door de VS geleide invasie in 2001 vertrok Karzai met een kleine groep mannen naar het zuiden van Afghanistan om het van daar uit op te nemen tegen de Taliban. Uiteindelijk gaven de Taliban zich over. Niet aan de Amerikanen, maar aan Karzai. 

President

Karzai zat nog in de bergen in Uruzgan toen hij per satelliettelefoon te horen kreeg dat hij de nieuwe president van Afghanistan zou worden. Hij zou leiding geven aan een regering die op een tekentafel in het Duitse Bonn was bedacht.

"Er waren andere mogelijke leiders, maar Karzai onderscheidde zich door zijn rol in het verzet tegen de Taliban en de rol die hij vervulde in de oorlog", zegt Zalmay Khalilzad, die onder de Amerikaanse president George W. Bush diende als speciaal vertegenwoordiger voor Afghanistan. 

Paleis

In de eerste maanden na het instorten van het Taliban-regime was het echter Khalilzad die voor veel mensen gold als leider van het land. Hij woonde in het paleis in Kabul, sloot bondgenootschappen en organiseerde bijeenkomst van stamhoofden, loya jirga's, waarop uiteindelijk ook een nieuwe grondwet werd goedgekeurd.

"In de eerste dagen was Karzai vooral veel aan de Amerikanen verschuldigd", aldus Rashid. "Khalilzad bestuurde bijna het land. Het duurde een tijd voor hij (Karzai, red.) naar voren trad." 

Verzoenen

Rashid en Khalilzad menen beiden dat de grootste verdienste van Karzai is dat hij in staat was om boven etnische verschillen uit te stijgen en zich te verzoenen met vijanden.

"Karzai hielp gemeenschappen verschillen te overbruggen en minderheden te verenigen (...)", meent Khalilzad. "Hij sloot geen mensen op omdat ze tegen hem waren. Hij liet vrijheid van meningsuiting toe. De structuren van een staat werden hersteld, zij het op een onevenwichtige manier." 

Karzai zag zich in zijn leiderschap bevestigd toen hij bij de verkiezingen in 2004 werd gekozen. Zijn herverkiezing in 2009 werd echter ontsierd door beschuldigingen van grootschalige stembusfraude. 

Omslag

Het aanvankelijke enthousiasme over Karzai begon na de verkiezingen van 2004 om te slaan. De aanwezigheid van 130 duizend buitenlandse militairen in Afghanistan, een groot aantal burgers dat omkwam bij bombardementen en een groep ja-knikkers aan de zijde van Karzai leidden ertoe dat de betrekkingen verkilden.

Washington begon zich steeds vaker te ergeren aan de oorlogstaal van Karzai, die de VS er zelfs van betichtte onder een hoedje te spelen met de Taliban. Ondertussen reikte hij de hand naar de Taliban, die hij 'onze broeders' noemde om hen over te halen deel te nemen aan het vredesproces. 

Wrok

Karzai op zijn beurt koesterde wrok jegens Washington omdat de strijd tegen de Taliban niet ook in Pakistan werd uitgevochten. Volgens hem zou daar de oorlog moeten worden gevoerd en niet in Afghanistan. Bovendien was hij woedend over de kritiek die hij kreeg op de gang van zaken bij de verkiezingen van 2009. 

Sommige kandidaten vrezen dat het bij de komende verkiezingen niet anders zal gaan en dat de regering zich zal bemoeien met de uitslag.

Ook bestaat de angst dat kiezers vanwege de nog altijd niet geluwde strijd van de Taliban tegen de regering wegblijven van de stembureaus.