Het aantal oorlogen in de wereld is vorig jaar gestegen. Wetenschappers van het Heidelbergse Instituut voor Internationaal Conflictonderzoek (HIIK) telden in 2013 twintig conflicten die ze als oorlog bestempelden. 

Dat waren er twee meer dan in 2012.

Behalve de oorlogen in Syrië en Afghanistan, telden ook Irak, Mali en de Centraal-Afrikaanse Republiek als oorlog. Ook het gewelddadige treffen tussen de nieuwe Egyptische regering en de Moslimbroederschap heeft oorlogsachtige proporties.

In totaal telde het instituut 414 conflicten. Daarvan gingen er 45 gepaard met veel geweld. Bepalend voor de benaming oorlog zijn de militaire middelen die worden ingezet en de gevolgen van het conflict voor mensen, zoals aantallen doden en vluchtelingenstromen.

Syrië

''Het is vrij duidelijk dat Syrië de meeste slachtoffers heeft te betreuren'', aldus Peter Hachemer van het HIIK. Meer dan de helft (elf) van de oorlogen speelde vorig jaar in Afrika beneden de Sahara. Alleen al in Sudan en Zuid-Sudan telde het instituut vijf oorlogen.

Ook de drugsoorlog in Mexico en de 'godsdienstoorlog' op het Filipijnse eiland Mindanao zijn door het HILK als oorlogen bestempeld. 

Interne conflicten

Alle oorlogen waren interne conflicten. Toch steeg het aantal gewelddadige confrontaties tussen landen van acht in 2012 naar elf vorig jaar.

Onder meer Pakistan en India waren met elkaar slaags, net als Israël en Syrië. Die botsingen waren echter niet hevig genoeg om ze een oorlog te noemen.