In Moskou zijn maandag zeker vijfhonderd betogers opgepakt die buiten de rechtbank demonstreerden tegen 'willekeur door justitie'. 

Rusland trad een dag na het einde van de Olympische Winterspelen namelijk hard op tegen critici van Vladimir Poetin: zeven tegenstanders van de president moeten tweeënhalf tot vier jaar de cel in.

In totaal stonden acht mensen terecht voor hun rol bij onlusten tijdens een protest bij de beëdiging van Poetin in mei 2012. Een van hen kwam er met een voorwaardelijke celstraf vanaf.

Bij de protesten buiten werden onder meer oppositieleider Aleksej Navalny en twee activisten van de protestband Pussy Riot, Nadezjda Tolokonnikova en Maria Aljochin, in de boeien geslagen. De twee kwamen in december vrij na anderhalf jaar cel wegens het ernstig verstoren van de openbare orde. Vorige week werden ze enkele uren vastgezet in Sotsji.

Volgens Russische media demonstreerden in totaal zo'n zevenhonderd mensen voor de deur van het gerechtsgebouw. De politie sprak over ongeveer tweehonderd actievoerders en ontruimde een deel van het centrum.

Mond snoeren

Het proces tegen de acht, van wie sommigen al bijna twee jaar vastzitten, wordt gezien als een poging van het Kremlin critici de mond te snoeren.

Het protest tegen Poetin op 6 mei 2012, aan de vooravond van zijn inauguratie als president, liep uit op geweld toen de politie de toegang tot het Bolotnaja-plein afsloot. Daar wilden demonstranten bijeenkomen.

Ashton

EU-buitenlandchef Catherine Ashton laat via haar woordvoerder weten ''ongerust'' te zijn over de vonnissen en wat die betekenen voor de vrijheid van meningsuiting en het recht om samen te komen in Rusland.

Ook zorgen de ''tekortkomingen in het proces en het lange voorarrest opnieuw voor vragen over de staat van justitie.'' De arrestaties buiten de rechtbank baren haar nog eens extra zorgen, zo laat ze weten.