In de Japanse prefectuur Fukushima zijn sinds de grote aardbeving, de tsunami en het kernongeluk van 2011 nog eens ruim 1.650 mensen overleden aan stress en andere ziekten die te wijten zijn aan de rampen. 

Dat zijn er inmiddels nog meer dan de 1.607 slachtoffers die het natuurgeweld in maart 2011 al direct maakte.

Dat blijkt uit cijfers van de politie en het bestuur van Fukushima. ''Veel mensen hebben drastische veranderingen ondergaan in hun leven en kunnen nog steeds geen toekomstplannen maken, zoals terug naar huis gaan, waardoor ze gebukt gaan onder spanningen'', zegt een functionaris tegen het Japanse persbureau Kyodo.

Ongeveer 136.000 mensen uit Fukushima zijn nog steeds ontheemd, na de verwoestende aardbeving en tsunami en de daaropvolgende kernramp.

Fukushima behoorde met Miyagi en Iwate tot de zwaarst getroffen gebieden. In die prefecturen ligt het dodental sinds de ramp wel lager; in Miyagi 879 en in Iwate 434.