Afscheidsbrieven van Japanse kamikazepiloten horen volgens China absoluut niet thuis op de Werelderfgoedlijst voor documenten.

Het bestuur van de Japanse stad Minami Kyushu, waar veel van de zelfmoordpiloten tijdens de Tweede Wereldoorlog opstegen, stelde vorige week voor de brieven aan te melden voor het programma Memory of the World van Unesco.

In de lijst van de VN-organisatie zijn onder meer het dagboek van Anne Frank en de Magna Carta opgenomen.

China ziet het voorstel als ''een poging om het Japanse militaristische verleden van invasie te verheerlijken'', foeterde een woordvoerster van het Chinese ministerie van Buitenlandse Zaken maandag.

Motieven

Het stadsbestuur van Minami Kyushu noemt andere motieven. De burgemeester van de stad zei afgelopen week dat het initiatief is bedoeld om aandacht te vragen voor ''de echte stemmen en gevoelens van de speciale aanvalspiloten die slachtoffer werden van het nationale oorlogsbeleid''.

Japan zette de zelfmoordpiloten in vanaf 1944, toen het steeds verder in het nauw werd gedreven. De kamikazepiloten moesten hun toestellen in geallieerde schepen boren.

De wanhoopstactiek leidde tot de dood van duizenden zeelieden, vooral Amerikanen. Tientallen schepen zonken en honderden oorlogsbodems raakten beschadigd.

Invasie

De Japanse invasie van China tijdens de Tweede Wereldoorlog maakt nog steeds hevige gevoelens los, vooral omdat Japan in Chinese ogen een groot gebrek aan berouw toont voor de misdaden die tijdens de oorlog zijn begaan.

Het Chinese staatspersbureau Xinhua publiceerde maandag nog een fel commentaar waarin het stelde dat het ''weinig twijfel leidt dat de Japanse premier Shinzo Abe en zijn aanhangers Japans imperialistische verleden vereren, een geschiedenis van onverbloemd fascisme en grove agressie''.