De hulpverlening aan de lang belegerde oude stad van Homs in Syrië is zondag weer op gang gekomen.

Tientallen vrouwen, kinderen en oude mannen konden de verwoeste stadsdelen verlaten, zei gouverneur Talal al-Barazi van Homs tegen een Arabische televisiezender.

Volgens gouverneur al-Barazi konden zo'n 65 mensen geëvacueerd worden. De Syrische staatstelevisie meldde bovendien dat ook weer hulpgoederen zijn gestuurd naar de belegerde stadsdelen. Daarbij zou opnieuw zijn geschoten op het konvooi, maar het is nog onduidelijk of sprake is van gewonden.

Zowel oppositie- als regeringsbronnen bevestigen volgens de BBC dat mortiervuur uitbrak nadat het konvooi met hulpgoederen de oude stad was ingereden.

Er zou volgens de oppositie onder meer zijn geschoten op plaatsen waar inwoners van de stad stonden te wachten op evacuatie. Daarbij zouden meerdere burgerdoden zijn gevallen.

Stilgelegd

De hulp aan de belegerde inwoners van Homs werd zaterdag stilgelegd. Dat gebeurde nadat was geschoten op voertuigen van de Verenigde Naties en de Rode Halve Maan, de zusterorganisatie van het Rode Kruis. Toen raakten vier mensen gewond.

Volgens de BBC maakten hulpverleners zondag geen gebruik van trucks, maar van gepantserde voertuigen.

Dossier Syrië | 'Grote gevaren vooor missie chemische wapens Syrië'