De geboortezorg aan zwangere asielzoekers moet beter. Er wordt te weinig gebruikgemaakt van professionele tolken en de medische overdracht bij overplaatsing schiet soms tekort. 

Dat concludeert de Inspectie voor de Gezondheidszorg maandag na onderzoek.

Asielzoekers die een kind verwachten hebben een verhoogd risico op zwangerschapscomplicaties en op sterfte van moeder en kind rond de geboorte.

Dat komt onder meer doordat deze vrouwen niet bekend zijn met het Nederlandse systeem van geboortezorg, geen Nederlands spreken, soms laaggeletterd zijn en niet altijd vervoer hebben om acuut naar een ziekenhuis te worden gebracht.

Aandacht

Zorgverleners hebben over het algemeen 'intensieve en specifieke' aandacht voor zwangere asielzoekers, vindt de inspectie. Ze nemen taken en verantwoordelijkheden van elkaar over als een ander in gebreke blijft. Asielzoekers die in Nederland een kind hebben gebaard zijn dan ook tevreden over de geboortezorg die ze kregen, blijkt uit gesprekken.

Toch zijn er nog verbeterpunten op het gebied van tolken en de continuïteit van zorg bij overplaatsingen. De inspectie heeft maatregelen opgelegd aan de verloskundigenpraktijken, ziekenhuizen en kraamzorgorganisaties die niet aan de normen voldeden.

Ook heeft de inspectie aanbevelingen gedaan aan het Centraal Orgaan opvang asielzoekers voor de opvanglocaties die niet aan de normen voldeden.