In de Oekraïense hoofdstad Kiev zijn zondagochtend opnieuw ongeveer 50.000 mensen de straat opgegaan om te demonstreren tegen de regering van president Viktor Janoekovitsj.

Dat meldt persbureau AFP

De betoging wordt georganiseerd door oppositieleiders Vitali Klitsjko en Arseni Jatsenjoek. Beiden zijn net terug uit het Duitse München waar zij afgelopen week de jaarlijkse veiligheidsconferentie bijwoonden.

Tijdens de conferentie spraken Klitsjko en Jatsenjoek onder meer met VN-topman Ban Ki-moon die aanbood om te bemiddelen in het conflict tussen de Oekraïense oppositie en president Janoekovitsj. De oppositieleiders hebben het aanbod afgewezen. 

Volgens Jatsenjoek, oud-minister van Buitenlandse Zaken in Oekraïne, moet de oppositie de problemen in het land zelf oplossen. Alleen wanneer de situatie uitzichtloos wordt, zal men mogelijk een beroep doen op de VN, aldus Jatsenjoek.

Ziekmelding

De Oekraïense autoriteiten melden zondag onderwijl dat president Janoekovitsj weer beter is en maandag weer aan de slag zal gaan. Janoekovitsj meldde zich afgelopen donderdag ziek. Naar eigen zeggen had hij last van koorts en ademhalingsproblemen.

Bij zijn ziekmelding liet de president direct weten dat zijn tijdelijke afwezigheid niet geïnterpreteerd moest worden als capitulatie voor de oppositie, die al maanden op zijn aftreden zint.

Oekraïne verkeert al maanden in een schier uitzichtloze politieke crisis. De demonstranten die het vertrek van de regering eisen, lijken voorlopig niet op te geven.