De Russische president Vladimir Poetin heeft woensdag een onaangekondigd bezoek aan de stad Volgograd gebracht. Hij zei bij aankomst dat hij zich met de lokale autoriteiten wil beraden over de aanpak van het terrorisme.

Volgograd, dat van 1925 tot 1961 Stalingrad heette, is de afgelopen dagen getroffen door zelfmoordaanslagen. Zondag kostte een aanslag op het station zeventien mensen het leven.

Een dag later kwamen eveneens zeventien mensen om door een explosie in een trolleybus. Poetin beloofde dinsdag in zijn nieuwjaarsboodschap de strijd tegen terroristen krachtig en consequent voort te zetten, totdat ''zij geheel zijn vernietigd''.

Volgens het Russische persbureau Interfax legde de president een boeket rode rozen op de plek waar de bus explodeerde. Hij bleef er minutenlang staan en sprak met mensen uit de buurt. Daarna bezocht hij zwaargewonden in het ziekenhuis.

De aanslagen worden in verband gebracht met de Olympische Winterspelen die volgende maand in Sotsji aan de Zwarte Zee worden gehouden. De radicale Tsjetsjeense leider Dokoe Oemarov riep afgelopen zomer zijn aanhangers op met aanslagen te voorkomen dat de spelen doorgaan. Tot nu toe heeft echter nog niemand de verantwoordelijkheid voor de twee aanslagen opgeëist.