De Oekraïense oproerpolitie heeft zich woensdag grotendeels teruggetrokken van het Onafhankelijkheidsplein in Kiev. 

De speciale eenheden waren 's nachts begonnen met het afbreken van barricades en tenten, maar in de ochtend werd de actie gestaakt.

Bij het bezette stadhuis van de hoofdstad stapten agenten weer in hun bussen, terwijl het er een uur eerder nog sterk op leek dat het gebouw zou worden ontruimd.

Vrijwel tegelijkertijd vroeg de regering van het Oost-Europese land de Europese Unie om een lening van 20 miljard euro.

President Viktor Janoekovitsj had een dag eerder al duidelijk gemaakt dat hij alsnog een associatieverdrag met de EU wil sluiten, mits daar iets tegenoverstaat.

Janoekovitsj stelt dat invoering van het verdrag een hoop geld kost. Hij vreest bijvoorbeeld dat vrijhandel met de EU slecht zal uitpakken voor de landbouwsector in Oekraïne, die de concurrentie nog niet aan zou kunnen met boeren uit de unie.

Kritiek

De demonstranten mogen hun acties gewoon voortzetten, verzekerde minister van Binnenlandse Zaken Vitaly Zachartsjenko. ''Ik wil dat iedereen bedaart. Het plein zal niet worden bestormd en niemand zal jullie recht op vreedzaam protest geweld aandoen.'' Hij voegde er wel aan toe dat de betogers ''de rechten van andere burgers niet moeten negeren’’.

De politieactie van afgelopen nacht leverde de autoriteiten direct kritiek op, onder anderen van EU-buitenlandchef Catherine Ashton. Zij bezocht de betogers dinsdagavond nog en toonde zich onder de indruk van hun ''vastberadenheid om te demonstreren voor een Europees perspectief voor het land''.

''Een paar uur later zie ik tot mijn verdriet dat de politie vreedzame demonstranten met geweld uit het centrum van Kiev werkt’’, schreef Ashton op haar Facebookpagina.

Bekijk beelden: