De Organisatie voor het Verbod van Chemische Wapens heeft dinsdag in Oslo de Nobelprijs voor de Vrede gekregen. 

Op de plechtigheid nam OPCW-chef Ahmet Üzümcü de prijs in ontvangst.

De in Den Haag gevestigde OPCW streeft er sinds 1997 naar chemische wapens uit te bannen. Üzümcü riep de laatste landen die zich nog niet bij zijn organisatie hebben aangesloten, op dat snel te doen. Hij zei dat er geen excuus is om dat na te laten. Volgens de Turkse OPCW-chef moeten chemische wapens geschiedenis worden.

Angola, Egypte, Noord-Korea en Zuid-Sudan hebben zich nooit aangemeld en Israël en Myanmar hebben wel belangstelling getoond, maar hebben het verdrag nooit geratificeerd.

De OPCW heeft dit jaar een sleutelrol gekregen bij de ontmanteling van het Syrische arsenaal aan chemische wapens. De Syrische regering heeft onder druk van Rusland en de VS besloten de wapens op te geven. De OPCW is belast met het in kaart brengen en afvoeren van die wapens en hoopt in januari buiten Syrië met de vernietiging ervan te beginnen.

Literatuur

In de Zweedse hoofdstad Stockholm heeft koning Karel XVI Gustaaf tijdens een feestelijke plechtigheid dinsdag onder meer de Nobelprijs voor de Literatuur uitgereikt.

De vorst gaf de prijs aan de dochter van de winnares, de 82-jarige Canadese schrijfster Alice Munro. De schrijfster kon de reis naar Stockholm niet maken. De koning heeft de andere Nobelprijzen overhandigd aan de overige elf winnaars.

Alle Nobelprijzen, voor economie, geneeskunde, literatuur, natuurkunde, scheikunde en vrede worden 10 december uitgereikt. Het is de sterfdag van de Zweedse scheikundige en industrieel Alfred Nobel (1833-1896). De prijs bestaat uit omgerekend circa 900.000 euro en een plaquette.

Lees alles over de Nobelprijzen in ons dossier