De Colombiaanse guerrillabeweging FARC heeft een wapenstilstand aangekondigd die zondag 15 december begint en dertig dagen zal duren.

De rebellen hopen dat de overheid meedoet met het staakt-het-vuren, zo maakten zij zondag bekend. Die ziet daar echter geen heil in.

Het voornemen volgt op een bomaanslag zaterdag, waarbij 9 doden en 38 gewonden vielen in de zuidwestelijke stad Inza.

Die aanslag is zondagavond (Nederlandse tijd) opgeëist door de FARC, maar president Juan Manuel Santos was er al eerder van overtuigd dat de FARC erachter zat.

''Als de FARC denkt dat deze acties tot een wapenstilstand leiden, dan hebben zij het helemaal mis, van begin tot eind'', schreef hij zondagmorgen al op de website van de overheid.

Vredesovereenkomst

Santos weigert dan ook op het verzoek in te gaan. ''We moeten offensief blijven en de daders geen minuut rust geven.'' Een staakt-het-vuren acht hij pas mogelijk na het tekenen van een eventuele vredesovereenkomst.

De twee partijen, die al sinds 1960 met elkaar in de clinch liggen, voeren sinds eind vorig jaar vredesonderhandelingen in Cuba.

De bewapening is juist een manier om tijdens het overleg militaire druk uit te blijven oefenen op de rebellen, aldus Santos. De FARC valt nog steeds militaire bases en oliepijplijnen aan. Door de decennia heen zijn bij het conflict al honderdduizenden doden gevallen.