Overzicht zaak Greenpeace-schip in Rusland

Rusland heeft half september dertig activisten van Greenpeace opgepakt, nadat ze met het schip de Arctic Sunrise actie voerden tegen een boorplatform in de poolzee. NU.nl geeft een chronologisch overzicht van de gebeurtenissen.

De dertig bemanningsleden zaten aanvankelijk vast in Moermansk en werden later overgebracht naar Sint-Petersburg, waar de rechtszaak loopt. De inhoudelijke behandeling van het proces begint in februari.

De activisten werden aangeklaagd voor piraterij en later voor hooliganisme, waarop respectievelijk vijftien en zeven jaar gevangenisstraf staat.

Het schip vaart  onder Nederlandse vlag. Onder de opvarenden zijn ook twee Nederlanders, campagneleider Faiza Oulahsen en machinist Mannes Ubels.

27 december: Oulahsen en Ubels keren terug naar Nederland.

25 december: Oulahsen en Ubels horen officieel dat ze niet langer worden vervolgd. Ze krijgen uitreisvisa, zodat ze Rusland mogen verlaten.

18 december: De Russische doema stemt na een derde lezing officieel in met de amnestiewet, waardoor de Greenpeace-activisten amnestie wordt verleend. Aanvankelijk gold de wet voor mensen die zijn veroordeeld voor ernstige verstoringen van de openbare orde, maar na een verruiming van het voorstel kwamen ook de aangeklaagden, waaronder de Arctic 30, in aanmerking voor amnestie.

13 december: Het onderzoekscomité verstrekt geen uitreisvisa.

4 december: Greenpeace vraagt om de uitreisvisa voor de 26 buitenlandse bemanningsleden, uit zeventien verschillende landen.

28 november: Ook de laatste opvarende van de Arctic Sunrise mag van de rechter op borgtocht vrijkomen. Alle activisten mogen Sint-Petersburg niet verlaten zolang de rechtszaak loopt.

22 november: Het Internationaal Zeerechttribunaal in Hamburg eist de onmiddelijke vrijlating op borgotcht van de Greenpeace-activisten en de Arctic Sunrise, zolang de arbitrage-procedure die Nederland heeft aangespannen nog loopt. Nederland moet een onderpand betalen van 3,6 miljoen euro. Rusland heeft echter bij begin van de procedure laten weten het tribunaal in deze specifieke zaak niet te erkennen.

Eerder die dag hebben ook de Nederlandse activisten de gevangenis in Sint-Petersburg verlaten en zijn overgebracht naar een 'safehouse'. De buitenlanse bemanningsleden mogen Rusland niet verlaten zolang de rechtzaak loopt.

20 november: De Nederlandse activisten Faiza Oulahsen en Mannes Ubels krijgen van de rechter in Sint-Petersburg te horen dat ze op borgtocht mag vrijkomen. Ook andere bemanningsleden krijgen deze dag te horen dat hun voorarrest niet verlengd wordt. De eerste activist, een Braziliaanse, mag de gevangenis verlaten.

19 november: De rechtbank in Sint-Petersburg buigt zich over de mogelijke verlenging van het voorarrest van meerdere activisten. Negen bemanningsleden mogen op borgtocht vrijkomen. Greenpeace laat weten dat het de borg voor de bemanningsleden (ongeveer 45.000 euro per persoon) kan betalen.

18 november: De aanklagers vragen voor de rechtbank in Sint-Petersburg om verlenging van het voorarrest van een activist, de Australische Colin Russell, met nog eens drie maanden. Drie Russische bemanningsleden mogen van de rechter juist op borgtocht vrijkomen.

12 november: De bemanning is per trein gearriveerd in Sint-Petersburg en daarna afgevoerd in arrestantenbusjes. 

11 november: De activisten worden (zoals al verwacht) overgebracht naar Sint-Petersburg, omdat in die stad het onderzoek tegen hen loopt. Of het schip ook wordt overgeplaatst is niet bekend.

8 november: De Russische minister van Buitenlandse Zaken Sergej Lavrov laat weten dat Nederland de actie van de Arctic Sunrise had moeten voorkomen. Hij spreekt van een "provocerende actie" en beschuldigt de Nederlandse staat van "inactiviteit".

7 november: Tegen enkele opvarenden wordt de aanklacht uitgebreid met "verzet tegen wetsdienaren", waarop nog eens vijf jaar cel zou staan.

6 november: Bij het Internationaal Zeerechtttribunaal in Hamburg begint de zaak. Daarbij is Rusland niet aanwezig. Namens de Nederlandse staat spreken Liesbeth Lijnzaad (Buitenlandse Zaken), René Lefeber (UvA) en advocaat Thomas Henquet. Het tribunaal zou binnen één tot anderhalve maand tot een uitspraak kunnen komen.

Ook de Britse premier David Cameron dringt er bij de Russische president Vladimir Poetin op aan dat de zaak snel wordt opgelost. De twee leiders spreken af contact te houden.

1 november: Greenpeace laat weten dat de aanklacht juist verzwaard is. De beschuldiging van vandalisme is bovenop die van piraterij gekomen, dus de piraterij-aanklacht is niet van tafel. De opvarenden kunnen volgens de organisatie wel twintig jaar gevangenisstraf krijgen.

28 oktober: De eerste vier opvarenden zijn door justitie in Rusland formeel in staat van beschuldiging gesteld wegens hooliganisme. Het gaat om vier Russen.

25 oktober: De zaak bij het Zeerechttribunaal begint op woensdag 6 november, laat president Shunji Yanai weten aan een Duitse radiozender. Volgens hem moet de procedure toch beginnen, ook al wil Rusland niet meewerken.

23 oktober: Rusland maakt via persbureau Interfax bekend inderdaad niet mee te werken aan de arbitragezaak voor het Zeerechttribunaal, omdat het dergelijke zaken niet "accepteert". Rusland laat wel weten open te staan voor een andere "afwikkeling van de situatie".

Die avond wordt bekend dat de aanklacht wegens piraterij tegen de bemanning vervalt. De arrestanten worden nu beschuldigd van hooliganisme, waar maximaal zeven jaar gevangenisstraf op staat. Er kunnen voor sommige activisten wel nog aanklachten bijkomen.

22 oktober: Volgens Russische media erkent Rusland het gezag van het tribunaal niet in conflicten die het gezag van de nationale soevereiniteit betreffen. Dat voorbehoud maakte de regering bij de ratificatie van het Zeerechtverdrag van de Verenigde Naties.

Nederland vindt dat het Zeerechttribunaal duidelijk moet maken of de Russen zich aan een uitspraak moeten houden.

21 oktober: Nederland stapt naar het Internationaal Zeerechttribunaal in Hamburg om in een spoedprocedure de onmiddellijke vrijlating van alle dertig activisten te eisen, omdat Rusland niet heeft gereageerd op de arbitrageprocedure.

Minister Frans Timmermans van Buitenlandse Zaken blijft ondertussen via andere diplomatieke wegen druk zetten op Rusland en ook de arbitrageprocedure loopt door.

16-18 oktober: Het verzoek van de activisten om op borgtocht vrij te komen wordt in verschillende zittingen voor de rechtbank van Moermansk afgewezen. Ook de twee Nederlanders blijven in voorarrest. Het schip wordt ondertussen naar de haven van Moermansk gesleept.

​Elf Nobelprijswinnaars vragen Poetin in een brief de piraterijaanklacht te laten vallen. Ook de Duitse bondskanselier Angela Merkel vraagt Poetin om een snelle oplossing, hoewel er geen Duitse arrestanten zijn.

10-11 oktober: De Russische regering zou bereid zijn mee te werken aan een arbitrageprocedure, laat de officiële woordvoerder van het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken weten. In Den Haag is daar echter niks over gehoord.

Poetin laat via zijn woordvoerder weten dat hij zich niet zal bemoeien met de juridische procedure tegen de bemanning.

4 oktober: Nederland begint een arbitragezaak tegen Rusland om het schip en de bemanning vrij te krijgen. Binnen twee weken moet er voldoende vooruitgang geboekt zijn, anders stapt het kabinet naar het Zeerechttribunaal.

De arbitrageprocedure houdt in dat beide landen een arbiter zoeken (bijvoorbeeld een jurist of rechter). Die twee arbiters kiezen vervolgens een derde arbiter, waarna ze zich buigen over de zaak. De uitspraak is bindend.

2-3 oktober: Alle opvarenden worden aangeklaagd voor piraterij. Daarop staat in Rusland een celstraf van maximaal vijftien jaar. De activisten zeggen onschuldig te zijn, maar weigeren voor de rechtbank een inhoudelijke verklaring af te leggen .

26-29 september: De rechtbank van Moermansk verlengt het voorarrest van de activisten met twee maanden.

Greenpeace gaat in hoger beroep tegen de verlenging van het voorarrest, zodat ze een verzoek tot vrijlating op borgtocht kunnen indienen. Het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken probeert de kwestie vooralsnog via diplomatieke weg op te lossen.

25 september: Het kabinet vraagt Rusland de Arctic Sunrise "onmiddellijk" vrij te geven en zijn bemanning vrij te laten. De regering baseert dat verzoek op het zeerecht en "beziet tevens mogelijk juridische vervolgstappen" zoals een gang naar het Internationaal Zeerechttribunaal.

Poetin zegt dat de activisten geen piraten zijn, maar dat ze wel internationale wetten hebben overtreden.

24 september: Het schip ligt inmiddels voor anker in Mishukovo in de buurt van Moermansk. De bemanning wordt van boord gehaald en overgebracht naar het bureau van de onderzoekscommissie. Eerder kregen ze op het schip nog bezoek van een groep diplomaten uit verschillende landen.

Rusland zou ondertussen een juridisch onderzoek zijn begonnen naar mogelijke piraterij van de actievoerders.

21 september: De Arctic Sunrise wordt verscheept naar de Russische havenstad Moermansk.

20 september: Greenpeace eist in een brief aan de Russische ambassadeur in Den Haag, Roman Anatolievich Kolodkin, om vrijlating van de bemanning en het schip.

De organisatie stelt dat het schip zich in internationale wateren bevond. Premier Mark Rutte is het er mee eens dat de Russen daarom eerst aan Nederland toestemming hadden moeten vragen voor entering van het schip.

19 september: Rusland pakt onder bedreiging de bemanning van de Arctic Sunrise op. De opvarenden hebben in totaal achttien verschillende nationaliteiten.

18 september: Het schip heeft inmiddels koers gezet naar de Pechora Zee en is aangekomen bij het boorplatform Prirazlomnaja, ten zuiden van Nova Zembla. Het Russische bedrijf Gazprom zou daar met Shell naar olie gaan boren. Twee actievoerders, een Fin en een Zwitser, ketenen zich vast, maar worden opgepakt door de kustwacht.

De Russische veiligheidsdienst FSB lost waarschuwingsschoten. Nederland vraagt de Russen opnieuw om opheldering. Volgens de Nederlandse ambassadeur Ron van Dartel heeft de milieuorganisatie het recht heeft om vreedzaam te demonstreren.

27 augustus: Het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken heeft Russische diplomaten ontboden om opheldering te vragen over de inspectie van het schip. De Russen hadden daarvoor aan Nederland toestemming moeten vragen.

26 augustus: Greenpeace laat rubberboten te water om met spandoeken te demonstreren bij een onderzoeksschip van Rosneft. Daarop wordt de Arctic Sunrise geënterd en onderzocht door de Russische kustwacht.

Later die dag besluiten de actievoerders zich terug te trekken uit de Noordelijke Zeeroute. Volgens Greenpeace zou de kustwacht hebben gedreigd anders het vuur te openen.

25 augustus: Het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken neemt contact op met de Russische autoriteiten. Het ministerie dringt bij zowel Greenpeace als de Russische autoriteiten aan op "terughoudendheid en een goede onderlinge communicatie".

24 augustus: De ijsbreker Arctic Sunrise negeert een toegangsverbod van Rusland voor de Karische Zee, ten noorden van Siberië. De actievoerders van Greenpeace willen daar protesteren tegen olieboringen van de Russische staatsoliemaatschappij Rosneft.

Tip de redactie