De Verenigde Staten hebben met drones in Jemen willekeurig burgers gedood, stellen Amnesty International en Human Rights Watch.

In Pakistan vielen ook burgerdoden en er zijn sterke aanwijzingen dat het internationaal recht is geschonden met de aanvallen door de onbemande vliegtuigen. 

Amnesty International en Human Rights Watch publiceren de resultaten van uitgebreid onderzoek in twee rapporten die dinsdag gezamenlijk worden gepubliceerd.

Human Rights Watch (HRW) onderzocht zes aanvallen met onbemande vliegtuigen in Jemen in 2009, 2012 en 2013. Volgens de organisatie zijn doelen getroffen die niet militair waren. Volgens HRW zijn in het Arabische land in totaal 82 mensen omgebracht, onder wie 52 burgers.

Pakistan

Amnesty onderzocht 45 aanvallen door Amerikaanse drone-aanvallen tussen januari 2012 en augustus 2013 in de noordelijke provincie Noord-Waziristan in Pakistan.

Bij een aanval in juli 2012 vielen volgens het rapport achttien burgerdoden, onder wie een jongen van veertien jaar. In oktober dat jaar werd een 68-jarige vrouw gedood door een aanval terwijl ze in haar tuin groente aan het plukken was.

Geheimhouding

Amnesty hekelt de VS omdat die nog steeds niet transparant zouden zijn over de aanvallen, terwijl ze in mei 2013 daarover beterschap beloofden. Geheimhouding geeft de VS een ''vergunning om te doden, buiten het bereik van rechtbanken of de normen van het internationaal recht'', aldus een van de onderzoekers.

Angst

Inwoners van Pakistan en Jemen leven volgens de onderzoekers in constante angst voor drone-aanvallen. Al-Qaeda heeft in Pakistan bovendien tientallen burgers gedood die zijn beschuldigd van spionage voor de VS.

Zij zouden volgens de terreurorganisatie drone-aanvallen aansturen door informatie door te spelen aan de Amerikanen.

De mensenrechtenorganisaties roepen de VS, Pakistan en Jemen op verantwoordelijken te berechten en het 'dronebeleid' transparanter te maken.