Jihadistische of rechtsextremistische propagandavideo's hebben zelden invloed op jongeren die nog niet zijn geradicaliseerd.

Dat blijkt uit een onderzoek in opdracht van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) en het Duitse Bundeskriminalamt, naar de psychologische effecten van propagandafilmpjes op internet.

Integendeel, het kijken naar dergelijk materiaal leidt bij de meesten tot afwijzing van de boodschap en ideologie achter de propaganda.

De deelnemers waren 450 in Duitsland wonende studenten en beroepsscholieren. Eerder onderzoek naar de effecten van dit soort video's richtte zich op verdachten of veroordeelden in terreurzaken.

Internetpropaganda speelt een grote rol in het radicaliseringsproces, zeggen de NCTV en het BKA. Het web is in eerdere onderzoeken als katalysator genoemd, een ''kraamkamer van de jihad''.

Schamen

Uit het huidige onderzoek bleek dat jongeren zich schamen voor de eigen groep: bij moslims wekt islamitisch-extremistisch materiaal weerzin en schaamte op, Duitse 'autochtonen' ervaren dat bij rechtsextremistische propaganda.

Studenten aan een universiteit reageerden negatiever en kritischer dan de beroepsscholieren; opleidingsniveau maakt dus iets uit.

Boodschap

De manier waarop de boodschap in een filmpje wordt gebracht, is van invloed gebleken. Clips met kinderen konden op extra aandacht rekenen, zowel in negatieve als positieve zin: ze wekten interesse dan wel weerzin.

Video's die professioneel gemaakt waren, vielen vaker in goede aarde. Dat gold ook voor filmpjes zich rechtstreeks tot de ontvanger richtten of een gepersonaliseerde boodschap bevatten.

Propaganda is ook te verpakken - de categorie 'wolf in schaapskleren': het onderzoek noemt een rechtsextremistische boodschap, verpakt in een video over kindermisbruik.

De proefpersonen hebben die video als minder eenzijdig en meer overtuigend ervaren. Dergelijk materiaal is dus 'gevaarlijker' dan expliciete propaganda met bijvoorbeeld veel geweld.