Ruim 1000 mensen stierven in juli door terreuraanslagen in Irak. Dat was het hoogste aantal in een maand in de afgelopen 5 jaar.

Dat blijkt donderdag uit cijfers van de Verenigde Naties die in de Iraakse hoofdstad Bagdad werden bekendgemaakt.

De VN registreerden 1057 doden en 2326 gewonden.

De spanningen in Irak zijn dit jaar opgelopen door de strijd in buurland Syrië en het conflict tussen premier Nuri al-Maliki en soennitische politici.

Gevreesd wordt dat het land terugvalt tot het dodelijke sektarische geweld van vlak na de Amerikaanse invasie van 2003. Sinds het begin van het jaar zijn al bijna 4000 doden gevallen.

Afgelopen maandag vielen meer dan tachtig doden bij een reeks aanslagen in onder meer Bagdad, Al-Kut en Basra.

Vijf vragen over het geweld in Irak | Lees meer berichten over Irak