De politie in de Turkse stad Istanbul is zaterdag weer slaags geraakt met betogers. De oproerpolitie probeerde met een waterkanon duizenden mensen te verdrijven die zich op het Taksimplein hadden verzameld.

Demonstranten kwamen bijeen om de doden te herdenken die eerder deze maand tijdens de onlusten zijn gevallen. Veel demonstranten hadden bloemen meegenomen voor de herdenking, die op één plek op het plein werden verzameld.

Aanvankelijk hield de politie afstand. De sfeer werd grimmig toen de politie oprukte vanuit het park waar het eind mei allemaal om begon en dat nu in handen is van de politie, het Gezipark. Toen de demonstranten weigerden zich te verspreiden, begon het ingrijpen met waterkanonnen en traangas.

De politie verdreef de menigte na korte tijd uiteen en plaatste op verschillende plaatsen rond het plein waterkanonnen om te voorkomen dat de betogers zich hergroeperen. Omwonenden van het plein sloegen op potten en pannen als een teken van solidariteit met de betogers.

Erdogan

Het waren de eerste onlusten in bijna een week tijd. De protesten begonnen eind mei vanwege de geplande herinrichting van het Taksimplein en omgeving, maar breidden zich uit tot een algemener protest tegen de regering van premier Recep Tayyip Erdogan, die al tien jaar aan de macht is.

In de stad Samsun hield Erdogan eerder op de dag een toespraak voor aanhangers van zijn conservatieve islamitische AK-partij. Hij zei dat de demonstraties van de laatste weken nadelig waren voor de Turkse economie en het toerisme. Hij beschuldigde de betogers er ook van niet respectvol te zijn tegenover de islam.