De inwoners van Iran kiezen vrijdag 14 juni een nieuwe president. Vijf vragen over deze presidentsverkiezingen.

Zijn het belangrijke verkiezingen?

De verkiezingen zijn zeker belangrijk, maar niet op een manier zoals velen misschien denken. De president van Iran is niet de hoogste leider van het land. Het laatste woord over kwesties als het atoomprogramma, de betrekkingen met het Westen en militaire projecten ligt bij de clerus en daarmee bij de hoogste geestelijk leider, ayatollah Ali Khamenei. Die weet zich bovendien beschermd door de machtige Revolutionaire Garde. De president dient in dezen als voornaamste uitdrager van het theocratische beleid.

Dat maakt de president niet vleugellam. De president heeft zeggenschap over verscheidene belangrijke terreinen, waaronder de economie. De laatste jaren is een sleutelrol weggelegd voor de beheerder van deze sector, die zwaar gebukt gaat onder de steeds strengere internationale sancties tegen het Iraanse atoomprogramma. Iraniërs voelen de gevolgen in hun portemonnee en hebben hun ongenoegen al meermaals duidelijk gemaakt. Hoewel het hierbij om relatief makkelijk te blussen brandjes ging, is het voor de volgende president van groot belang de economie nieuw leven in te blazen.

Daarnaast is niet gezegd dat Khamenei zijn oor niet te luisteren zal leggen bij de nieuwe president. De troonopvolger van Mahmoud Ahmadinejad vervult een belangrijke adviserende rol en kan op die manier accenten verleggen in het landsbestuur. Daarbij hangt wel veel af van de relatie tussen president en ayatollah. Ahmadinejad is bij Khamenei volledig uit de gratie geraakt, maar een president die in de gunst van de ayatollah verkeert, kan een belangrijke stem hebben in het strategische beleid.

Hebben de verkiezingen gevolgen voor het Iraanse atoomprogramma?

Omdat de president geen zeggenschap heeft over het atoomprogramma, zal er niet direct sprake zijn van een verandering van het beleid. Indirect kan hij zich echter wel in nucleaire aangelegenheden mengen. Het Westen vreest nog altijd dat Iran aan de productie van een kernwapen werkt, ook al houdt de Islamitische Republiek vol dat het programma alleen bedoeld is voor vreedzame nucleaire doeleinden, zoals de opwekking van kernenergie.

Er wordt rekening gehouden met twee mogelijkheden. In het eerste geval kunnen de verkiezingen resulteren in een einde van de interne politieke twisten die de laatste jaren van het tijdperk-Ahmadinejad domineerden. Dat kan het voor de Iraanse clerus mogelijk maken de radicale teugels te laten vieren en overeenkomsten te sluiten met het Westen. Een tweede mogelijkheid is dat een kandidaat aan de macht komt die voorstander is van het radicale beleid, gericht op confrontatie, en samen met de geestelijkheid de ingeslagen weg - en wellicht zelfs een nog conservatievere koers - volgt.

Hoe verloopt het kiesproces?

Het hele proces staat van begin tot eind onder controle van de geestelijkheid. Inschrijving voor kandidatuur bij het ministerie van binnenlandse zaken staat in feite voor iedereen vrij. Dit jaar meldden zich meer dan 680 potentiële kandidaten aan. Daaronder waren prominente figuren als voormalig president Akbar Hashemi Rafsanjani, maar ook obscure geestelijken en kansloze gegadigden als Razieh Omidvar, een 46-jarige huisvrouw. In de grondwet wordt met een mannelijk woord verwezen naar de president, wat tot de interpretatie heeft geleid dat het hoogste politieke ambt niet is weggelegd voor vrouwen.

Door de Raad van Hoeders, een twaalfkoppig panel dat de protokandidaten tegen het licht houdt, zijn acht personen geschikt bevonden voor kandidatuur. De gematigde ex-president Rafsanjani werd tot verbazing van velen geweerd. Inmiddels zijn er nog zes kandidaten over, omdat twee van de acht hun campagnes deze week vroegtijdig beëindigden.

Welke keuze hebben kiezers?

De zes overgebleven kandidaten kunnen ruwweg worden opgedeeld in twee gematigde kandidaten en vier conservatieve kandidaten. Voormalig nucleair onderhandelaar Hassan Rowhani en voormalig minister van posterijen Mohammad Gharazi behoren tot de eerste groep. Een andere gematigde kandidaat, de hervormingsgezinde Mohammad Reza Aref, trok zijn kandidatuur in. Daarmee zou hij Rowhani meer kans willen bieden, die momenteel de wind in de zeilen heeft.

Onder de conservatieven zijn burgemeester van Teheran Mohammad Bagher Ghalibaf, de belangrijkste nucleaire onderhandelaar van Iran Saeed Jalili - hij verloor in de Irak-Iranoorlog in de jaren tachtig een been -, voormalig minister van buitenlandse zaken en adviseur van Khamenei Ali Akbar Velayati en voormalig hoogste commandant van de Revolutionaire Garde Mohsen Rezaei.

De belangrijkste kritiek vanuit het Westen spitst zich toe op het selectieproces voor de kandidaten. De buitensluiting van Rafsanjani lijkt erop gericht te voorkomen dat de oppositiebeweging nieuw leven wordt ingeblazen, maar maakt het buitengewoon ongeloofwaardig dat de verkiezingen eerlijk zijn. Hervormingsgezinde en liberale Iraniërs zullen de nodige moeite ondervinden in het stemhokje de naam aan te kruisen die hun belangen het best zal behartigen.

Is er een risico dat de verkiezingen uitmonden in geweld?

Twijfel over het eerlijke verloop van de verkiezingen in 2009, waarin Ahmadinejad zijn herverkiezing veiligstelde, leidde tot massale demonstraties en grootschalig geweld. Hervormingsgezinde groepen legden zich niet neer bij de officiële uitslag, stelden dat hun kandidaat Mir Hossein Mousavi had gewonnen en gingen de straat op. Aanhangers van het islamitische systeem zeggen dat de verkiezingen wel eerlijk en transparant zijn verlopen, maar waarnemers uit het buitenland werden en worden niet toegelaten. Overigens zitten Moussavi en een andere kandidaat van 2009, Madhi Karroubi, al enkele jaren in huisarrest.

Na jaren van onderdrukking en detenties is de oppositiebeweging grotendeels onschadelijk gemaakt. De behoefte aan straatprotesten lijkt dit jaar klein, zelfs onder de radicaalste dissidentengroepen, omdat de regering snel en hard zal optreden. Iedere poging tot reorganisatie van de hervormingsbeweging wordt in de kiem gesmoord. De controle op internet is aangescherpt, sociale media worden of zijn aan banden gelegd.