De dagenlange protesten in Turkije zullen uiteindelijke een zegen blijken te zijn voor de democratie, voorspelt Lily Sprangers, directeur van het Turkije Instituut, verbonden aan de Rijksuniversiteit van Leiden.

Sprangers verwacht dat de machtige Turkse premier Recep Tayyip Erdogan bij terugkeer van een buitenlandse reis komende vrijdag meer oog zal hebben voor de oppositie en de demonstranten.

Bent u verbaast door de aanhoudende onrust in Turkije, waarbij onder demonstranten enkele doden en vele honderden gewonden zijn gevallen?

"De spanningen in de Turkse samenleving zijn al jaren onderhuids voelbaar. Erdogan probeert met iets meer dan de helft van de stemmen achter zich in rap tempo de minderheid van de bevolking zijn wil en die van zijn aanhangers op te leggen.

Daarbij worden veel individuele vrijheden ingeperkt. De oppositie is hopeloos verdeeld en dat speelt Erdogan in de kaart. Maar afgelopen weekeinde verzamelden de demonstranten rond het Gezi Park en op het Taksimplein voldoende moed om zich tegen de regering te verzetten. Dit moest wel een keer gebeuren, gezien de opgelopen spanningen."

Turkije is een economisch succesverhaal met een verdriedubbeling van de economie in de voorbije tien jaar. Vanwaar dan die enorme spanningen?

''De AKPartij van Erdogan domineert langzamerhand het openbare leven. Wetten worden dankzij een meerderheid aangepast. Zo is er een wet die het gebruik van alcohol inperkt. Er was een relletje waarin vrouwen geen rode lippenstift mogen dragen.

Zoenen in het openbaar zou niet meer mogen. Steeds meer vrijheden komen in het gedrang en dat pikt een groot deel van de bevolking niet meer. Dit gaat veel verder dan de strijd om een parkje en de bouw van een winkelcentrum in een stad van 17 miljoen mensen zoals Istanbul.’’

Is dit ook een strijd tussen vooruitstrevende jongeren en conservatieve, islamitisch geïnspireerde ouderen?

''Juist helemaal niet. Er zitten veel ouderen onder de demonstranten en Erdogan heeft ook veel jongeren onder zijn aanhang. Het is allerminst een generatieconflict, eerder een geloofsgeschil. Tweederde van de Turken voelt zich een vroom moslim, maar een groot deel van hen vindt wel dat kerk en staat gescheiden dienen te zijn, zoals Kemal Atatürk als grondlegger van het moderne Turkijke voorstond. Helaas neemt premier Erdogan daar steeds meer afstand van.’’

Veel Turken gaan de straat op, maar een groot deel laat de demonstraties volstrekt aan zich voorbij gaan. Is dat een teken van verdeeldheid in de Turkse samenleving?

''Er heerst de afgelopen jaren helaas een enorme angstcultuur. Niet iedere Turk durft te gaan demonstreren, daarom was de actie rond het Taksimplein ook zo moedig. Er zitten mensen jarenlang in de gevangenis zonder eerlijk proces. In de Turkse media krijgen de protesten nauwelijks aandacht. Kranten hebben kleine oplagen, op de Turkse commerciële televisie zijn alleen maar waardeloze shows en de overheidszenders zijn in handen van Erdogan-getrouwen. Al ruim tien jaar probeert Erdogan zo het land te domineren.’’

Is dit een opmaat naar veel meer ellende en misschien wel een burgeroorlog?

''Nee hoor, absoluut niet. President Gül en vicepremier Arinc hebben al geruststellende woorden gesproken en het is afwachten hoe Erdogan bij terugkeer van zijn buitenlandse reis vrijdag het volk zal toespreken. Dat is het moment van de waarheid.

Mijn inschatting is dat hij niet kan wegkomen met zijn eerdere beschuldigingen dat de demonstranten alcoholisten en hooligans zijn. Erdogan moet beseffen dat de demonstraties een wake-up call zijn voor de Turkse democratie. Hij  moet leren luisteren naar de gematigde stromingen in de samenleving."