China, India en Pakistan hebben hun kernwapenarsenalen vorig jaar elk met zo'n tien kernkoppen aangevuld. Ook andere nucleaire mogendheden hebben weinig in het werk gesteld hun arsenalen te verkleinen. 

Dat stelt het Zweedse onderzoeksbureau voor kernwapens SIPRI maandag.

China heeft zijn arsenaal in 2012 volgens SIPRI uitgebreid van 240 tot 250 kernkoppen, hoewel de denktank de kanttekening plaatst dat het land 'zeer ondoorzichtig' is waar het zijn kernwapens betreft.

Op de lange termijn zal het arsenaal wellicht nog in omvang groeien, zegt SIPRI-onderzoeker Phillip Schell, hoewel het China er vooral om te doen is over de middelen te beschikken om potentiële vijanden af te schrikken. Het is niet zozeer een kwantitatieve als wel een kwalitatieve groei, aldus Schell.

Ook de aartsvijanden India en Pakistan hebben vorig jaar hun kernwapenarsenalen uitgebreid.

Afbouw

Ondertussen werkten de Verenigde Staten en Rusland gestaag aan de afbouw van hun verzameling kernkoppen, zoals afgesproken in het in 2010 ondertekende nieuwe START-verdrag.

Het aantal kernkoppen van de VS nam af van achtduizend tot 7700, dat van Rusland van tienduizend tot 8500. Tegelijkertijd hebben deze landen, evenals China, Frankrijk en Groot-Brittannië, nieuwe wapensystemen in gebruik genomen.