Voor het eerst hebben leiders van de voormalige Rode Khmer in Cambodja excuses aangeboden voor de gruweldaden van het regime en hun spijt daarover betuigd.

''Ik heb spijt van wat er is gebeurd. Ik ben moreel verantwoordelijk'', zei Nuon Chea, tweede man tijdens het bewind van Pol Pot in de jaren 70, donderdag bij het tribunaal van de Verenigde Naties. Chea staat terecht voor oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid.

Khieu Samphan, voormalig staatshoofd, uitte zijn spijt over het ''ongelooflijk lijden'' van het volk onder het bewind van de Rode Khmer (1975-1979), maar hield vol dat hij niets wist van de moorden. Ook Samphan staat terecht.

Levenslang

De rechters waardeerden de excuses. ''Vele slachtoffers hebben meer dan 30 jaar gewacht op een verontschuldiging of spijtbetuiging van de leiders van de Rode Khmer.''

Het Cambodja Tribunaal heeft sinds 2011 één veroordeling opgeleverd. Kang Kek Ieu, voormalig hoofd van de beruchte gevangenis Tuol Sleng, kreeg levenslang.

Landbouwstaat

De toenmalige minister van Buitenlandse Zaken Ieng Sary overleed in maart. Zijn vrouw Ieng Thirith, minister van Sociale Zaken tijdens het bewind van de Rode Khmer, staat niet terecht, omdat zij lijdt aan Alzheimer.

Naar schatting kwamen onder de Rode Khmer 2 miljoen mensen om. De ultramaoïsten wilden het land omvormen tot een utopische landbouwstaat.