Syrië heeft dinsdag meer informatie geëist over de Amerikaanse en Russische plannen voor een vredesconferentie voor Syrië. 

De Syrische minister van Informatie, Omran Zoabi, heeft het idee verwelkomd, maar hij waarschuwde dinsdag dat ''Syrië niet meedoet aan bijeenkomsten die direct of indirect de nationale soevereiniteit beschadigen''.

De rol van de Syrische president Bashar al-Assad kan evenmin ter discussie staan. ''Daar gaat alleen het Syrische volk over via de stemlokalen'', aldus Zoabi.

De tegenstanders van het meer dan 40 jaar oude regime van de Assads stellen dat zijn aftreden de eerste voorwaarde is voor overleg met de regering in Damascus. De burgeroorlog is ruim twee jaar geleden begonnen met vreedzaam protest tegen het beleid van president Assad.

Conferentie

Moskou en Washington hebben betoogd dat ze samen snel een grote conferentie willen houden om tot vrede te komen in Syrië. Hun voornemen dat voor eind deze maand te doen lijkt niet meer haalbaar.

Er zou onenigheid zijn over wie mogen deelnemen. Bovendien lijken de Syrische regering noch de rebellen erg geïnteresseerd in onderhandelingen.

De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, John Kerry, zei dinsdag echter dat hij dacht dat Syrië wel gezanten naar zo'n conferentie stuurt.

Hij zei, op bezoek in Stockholm, ook dat generaal Salim Idriss, commandant van de rebellen, tegen hem heeft gezegd dat hij het onderhandelingsproces steunt. Kerry denkt dat de vredesconferentie begin juni kan doorgaan.

Burgeroorlog

Volgens sommige waarnemers zijn er al zeker 80.000 doden gevallen in de burgeroorlog. Bijna 1,5 miljoen Syriërs zijn naar het buitenland gevlucht en mogelijk eenzelfde aantal is in Syrië ontheemd.

Het regime heeft sinds de strijd begon veel terrein verloren, maar handhaaft zich tegenover de slechter bewapende opstandelingen. Het geniet ook nog veel steun onder de Syriërs die vrezen dat de opstand nu vooral het werk is van extremistische soennieten.

Lees meer over de onrust in het Midden Oosten in ons dossier